
Column Juko de Vries: Nu zijt wellekome: glimlach als kerstboodschap
24 december 2024 om 12:42 Opinie Columns Nieuws uit EdeEDE December. De kerstmarkt staat opgesteld, de kerstverlichting schittert en er wordt weer grif gegeven aan goede doelen.
Er komt een zwerver door de Dorpsstraat gelopen. Bij het Nieuwe Erf staat hij stil en bekijkt het beeldje van het Lunters vrouwtje. Even verder stopt hij bij het Molukse monument. ‘Dit Tengah ombak’ staat daarop, wat betekent, ‘Te midden van de golven!’ Ik zie een glimp van herkenning. Ja, zij kwamen net als hij ook van ver. Hij kijkt omhoog en ziet een ster. Zachtjes hoor ik hem zeggen: ,,Ik heb niet zo veel met kopen van geschenken, maar kom hier ieder jaar om de geboorte te herdenken.”
Dan loopt hij verder naar de kerk. De deuren gaan vanzelf open. Iedereen mag hier naar binnen, maar op de drempel blijft hij staan. Alsof hij niet zeker weet of hij ook naar binnen mag, of hij echt wel welkom is. Dan hoort hij dat oude lied ‘Nu zijt wellekome’ dat hem naar binnen roept. Alsof dat geen boodschap is voor iedereen die zoekt! Maar zijn twijfel is de laatste tijd gegroeid door wat hij dagelijks in kranten leest. Door wat hem steeds vaker op straat wordt nageroepen. ,,Het komt allemaal door jullie! Jullie zijn niet echt van hier! Ga maar terug naar waar je wegkomt!” Vroeger werd dat misschien gedacht, maar nooit hardop uitgesproken. En dat doet hem zeer. Hij kan het echt niet rijmen met de rijkdom hier. Hij zoekt gewoon wat rust, want waar hij vandaan gekomen is was de vrede ver te zoeken. Wat stond er toch geschreven in de oude boeken?
Over ‘verdraagzaamheid’ gesproken. Die boeken staan er vol mee en toch gaat het mis. Waarom twijfelt hij? ‘Nu zijt wellekome’ is toch overduidelijk? Als we die boeken niet meer lezen en we volgen alleen nog maar ons innerlijk kompas drijven we blijkbaar af van wat recht doet aan onszelf, de buurman en de vreemdeling. Als wij zelf onze richting blijven bepalen komen we onherroepelijk op dat punt waarop we onszelf niet meer in elkaar herkennen. Want de ogen van de ander zijn de spiegel waarin wij ook onszelf kunnen zien. Als een kwetsbaar iemand tegenover ons, of als vriend, misschien.
Nu staat hij op de drempel. Weer klinkt dat ‘Nu zijt wellekome’ door. De woorden van dit lied zoeken zich een weg naar zijn gevoel. Hij huilt. De tranen stromen langs zijn wangen. Hij durft hier toch nog niet naar binnen. Uit het niets komt er een kind op hem toegelopen. Schenkt hem de mooiste glimlach. Het opent daarmee zonder het te weten, zonder woorden, een nieuwe dialoog. ,,Wat fijn dat wij hier samen zijn.” Enkel met een glimlach! Onze wereld heeft meer zachtheid nodig. De zachtheid van een kind? Dat zou zomaar kunnen. Want wonderen zijn namelijk nog lang niet onze wereld uit.
Fijne kerstdagen.
Juko de Vries
Meer columns op Ede Stad.nl lezen? Je vindt ze in dit dossier.

















