
Kaveh komt uit Iran, en woont sinds anderhalf jaar in Ede..
1 mei 2024 om 19:20 OverigKaveh kan zich nu goed redden in het Nederlands. “Ik leer van Aart niet alleen de taal, maar hij leert me ook over de cultuur en de maatschappij in Nederland. Er is zóveel verschil tussen Iran en Nederland… Met Aart kon ik de weg vinden in Nederland. Ik heb nu ook goed werk gevonden! Ik heb nu een baan bij een bedrijf in Wageningen. Die baan sluit aan bij mijn opleiding. En nu spreek ik ook goed genoeg Nederlands”.
Hij heeft vier dagen per week Nederlandse les gevolgd, samen met anderen van niet-Nederlandse afkomst. Veel vluchtelingen, met een vluchtelingenstatus. Maar écht Nederlands: dat leer je toch door te praten met Nederlanders, die hun moedertaal spreken. Aart: “Je moet, als je de taal niet goed spreekt, ook door de schaamte heen: dat je het niet kunt. Je moet lef hebben. Dus ik zei steeds: ‘Kom op, je kunt het’. Ook toen hij solliciteerde. Ik vind het fijn om te zien als mensen zich ontwikkelen. En extra leuk als dat mensen uit een andere cultuur zijn. En ikzelf leer ook. Bijvoorbeeld hoe ze omgaan met ouders en familie. We zijn in Nederland veel meer individualistisch. Ze hebben waarden die wij kwijt zijn”.
Kaveh geeft een voorbeeld van de verschillen tussen Nederland en Iran. “Als in Iran iemand komt en vraagt of je wilt helpen, mag je geen ‘nee’ zeggen. Als je dat wel doet, heb je een probleem! Dus dan zeg je ‘ja’, en pas als hij weggaat zeg je: ‘Ik heb nagedacht, maar ik kan je niet helpen’. Je laat dus eerst zien dat je graag wilt helpen; het is een beetje jokken om de verhoudingen goed te houden. Dat vond ik heel lastig in Nederland, want dat doen ze hier niet. Maar ik heb het geleerd! Ik kan nu ook ‘nee’ zeggen, zonder er lang over na te denken. Dat heb ik nodig op mijn werk. Anders moet ik overwerken op tijden dat het echt niet kan! Dat leerde ik van Aart, ik vertrouw hem, ook omdat hij ouder is.”
Kaveh vertelt: “Aart is ruim een jaar mijn taalmaatje geweest. We zagen elkaar ongeveer één keer per week, thuis of in de bibliotheek. Want daar zat ik vaak te leren. Na een kopje koffie praatten we over gewone dingen, zoals het nieuws, of de voetbalclub van mijn zoontje. En dan legt Aart wat uit over het Nederlands. Soms gingen we wandelen. We gingen ook een keer naar het Openluchtmuseum”. Kaveh spreekt inmiddels zo goed Nederlands, dat hij vertaalt voor andere Iraniërs in de International Church Foundation, een interculturele kerk. Aart is ondertussen begonnen als taalmaatje voor een andere statushouder: een Iraanse jongeman die nog niet zo lang naar taalles gaat en zijn hulp goed kan gebruiken.
Ook taalmaatje (m/v) worden? Er zijn taalmaatjes nodig voor vluchtelingen in de gemeente Ede. Man of vrouw, jong en oud. Het is belangrijk dat je goed Nederlands spreekt en schrijft. Er is een kennismakingsgesprek waarin wordt uitgelegd wat we doen en welke hulp je kunt verwachten. Belangstelling? Mail naar aspierenburg@vluchtelingenwerk.nl.


















