
Rechtbank vernietigt omgevingsvergunning voor bouw nieuwe stal Lunteren
18 juni 2024 om 16:32 RechtbankEDE Het college van de gemeente Ede moet een nieuw besluit nemen over een verleende omgevingsvergunning voor de bouw van een nieuwe stal voor vleeskalveren bij een agrarisch bedrijf in Lunteren. Dat oordeelde de rechtbank dinsdag, dat de Stichting Milieuwerkgroepen die tegen het verlenen van de vergunning in beroep ging gelijk gaf.
Het agrarisch bedrijf kreeg in 2012 een natuurvergunning voor het houden van ruim 1400 vleeskalveren. De kalveren mochten worden verdeeld over drie stallen: stal C, D en E. Voor het realiseren van derde stal, stal E, was tot voor de verlening van bovengenoemde omgevingsvergunning nooit een omgevingsvergunning verleend. De stal was tot die tijd dan ook nooit gerealiseerd en door een wijziging in de wetgeving - in verband met nieuwe staltechnieken - is het niet meer mogelijk om stal E te bouwen zoals in 2012 voorzien.
NATURA 2000
Het college van de gemeente Ede moet vanwege de Wet natuurbescherming en de Habitatrichtlijn bij het verlenen van de omgevingsvergunning beoordelen of het realiseren van de stal met vleeskalveren gewichtige gevolgen kan hebben voor natura 2000-gebieden in de omgeving. De Veluwe ligt op 3,5 kilometer afstand van dit agrarische bedrijf. Het college besloot dat die gevolgen er niet zijn, omdat volgens Ede intern kan worden weggestreept met de nog niet benutte stikstofruimte uit de natuurvergunning uit 2012. Daarom vroeg het college geen verklaring van geen bedenkingen aan het college van gedeputeerde staten van de Provincie Gelderland (de Provincie) voordat zij de omgevingsvergunning verleende.
De Stichting Milieuwerkgroepen voerde in haar beroepschrift aan dat het college ten onrechte tot de conclusie is gekomen dat intern weggestreept kan worden. Zij vinden dat daarom wel een verklaring van geen bedenkingen was vereist van de Provincie.
GEWIJZIGDE REGELGEVING
De rechtbank oordeelt dat het college ten onrechte de hele natuurvergunning uit 2012 als referentiesituatie gebruikt voor het intern wegstrepen. De reden hiervoor is dat ‘die natuurvergunning is verleend, zonder dat de gevolgen van stikstofdepositie op de nabij gelegen natura 2000-gebieden van de vergunde activiteit passend is beoordeeld’, schrijft de rechtbank. Dat was destijds op grond van beleid niet nodig, maar dat beleid is later door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State onrechtmatig verklaard vanwege strijd met de doelstellingen van de Habitatrichtlijn en de daarmee nagestreefde instandhoudingsdoelstellingen.
NIEUW BEOORDELINGSMOMENT
Doordat nu een nieuwe omgevingsvergunning voor de extra stal is aangevraagd ontstaat er voor het college een nieuw beoordelingsmoment aan de doelstellingen van de Habitatrichtlijn. Het college had daarom moeten onderbouwen dat het nu alsnog realiseren van de extra stal geen significante gevolgen kan hebben voor de doelstellingen van de habitatrichtlijn en de daarmee nagestreefde instandhoudingsdoelstellingen.
NIEUW BESLUIT
Volgens de rechtbank oordeelde het college ten onrechte niet of de aanvraag voorziet in een toe- of afname van stikstofdepositie als alleen de gerealiseerde onderdelen van het project (stal C en D) betrokken worden in de interne saldering. Hierdoor krijgt het college geen zekerheid dat de realisatie van Stal E geen significante effecten heeft op Natura 2000-gebieden. De rechtbank bepaalt daarom dat de gemeente Ede een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van deze uitspraak.














