Waar het zijpad, niet ver ten noorden van de parkeerplaats aan de Kallenbroekerweg bij Barneveld, de bomen achter zich laat en de open hei van landgoed Bylaer oversteekt, ligt links een moerassige plas. Aan de vegetatie te zien heeft het water zich voorheen uitgestrekt over een grotere oppervlakte, maar toch is na de droge zomer van 2018 het natte karakter van dit gebied teruggekeerd.

KWAAK De vogels fluiten om het hardst of zijn hun jongen al aan het voeren. In het water laten enkele kikkers zich horen. ,,Kwaak, kwaaaaaak.” Groene kikkers. Maar daarvan bestaan verschillende soorten en dat is een verhaal apart.

Van oorsprong komen in Nederland twee groene-kikkersoorten voor: de grote meerkikker in het westen en de kleine poelkikker in het oosten. Duizenden jaren geleden echter gingen sommigen al paren met dieren van de andere soort. Zo ontstond de bastaardkikker, die inmiddels overal voorkomt en meestal algemener dan de oudersoorten. Het lijkt erop dat hij ze bovendien verdringt, in elk geval de kleine poelkikker. Die ‘middelste groene kikker’ is ook nog eens erg variabel, waardoor hij moeilijk te onderscheiden is van de meerkikker of de poelkikker. Het beste kenmerk is volgens deskundigen een knobbeltje op de achterpoot, maar zie dat maar eens in beeld te krijgen…

BOOMPIEPER Er is één andere weg om met zekerheid de inmiddels zeldzame poelkikker te vinden en dat is tijdens de paartijd mannetjes zoeken in hun lievelingsbiotoop: vennen op zandgrond. In Kallenbroek liggen enkele fraaie exemplaren. Het eerste ven is echter moeilijk bereikbaar en veel kikkers lijken er niet te zitten, dus lijkt het beter verderop te gaan. Daar moeten er nog een paar liggen.

De met wilgenstruweel omzoomde plas aan de oostkant van het vlonderpad is al even stil en onbereikbaar. Nog verder dan. Het laatste pad steekt de droge hei over in noordelijke richting. Een boompieper fluit energiek, maar verder is het stil. Totdat gekwaak de aandacht trekt, ergens aan de bosrand. En jawel, daar ligt een groot ven - met kikkers.

Maar hoe er te komen? Met het risico op natte voeten domweg naar het water lopen, zou de beestjes verjagen en bovendien blijven ze dan half verscholen achter de stengels van pijpenstrootje en waterbies. Ah, kijk. Een berk op de oever hangt bijna horizontaal over het moeras en blijkt het gewicht van een man te kunnen dragen. Een paar meter omhoog schuiven en dan met de camera in de aanslag blijven liggen. Niet de meest gerieflijke houding, maar je moet er wat voor over hebben.

RARE WITTE BALLON Geschrokken houden de kikkers zich stil als ze de vreemde indringer zien. Maar als er verder niets gebeurt, trekken de eersten hun bek weer los. Of nou ja… Zie, daar zit er eentje, kop en rug boven water, de rest eronder. En daar laat hij zich horen. Zijn bek blijft dicht, maar in beide mondhoeken verschijnt een rare witte ballon, die met een seconde weer verschrompelt: de kwaakblaas. De techniek is duidelijk: om luid te kunnen kwaken vult de kikker zijn kwaakblazen met lucht en laat die vervolgens langs de stembanden weglopen.

Het is maar een kleine kikker, groen, met vrijwel alleen op de achterste helft van het lijfje donkere vlekken. De kaken zijn geel. Juist, mannetje poelkikker in paringstooi. En dan blijken ze overal te zitten: daar twee, rechts achter één, hier vooraan eentje en links vier, opgesteld in een vierkant. Dreigend. Af en toe vult er één zijn kwaakblazen. ,,Kwaak, kwek… kwaaaaaak” - de langgerekte roep klinkt als een ratel en is zowel bedoeld om vrouwtjes te lokken als om rivalen te imponeren.

Het resultaat blijft niet uit. Opeens schiet een kikker door het water vooruit, op een mededinger die te dicht in zijn buurt kwam af, springt hem op de rug, maar wordt er weer afgegooid. Als hij het nog eens wil proberen, krijgt hij een kopstoot die hem op zijn rug in het water doet belanden. Dan vinden de vechtersbazen het genoeg. Voor even.

door Kees van Reenen

Kees van Reenen
Foto: Kees van Reenen
Alle groene kikkers geven kwaakconcerten, waarbij de kwaakblazen goed worden benut.
Kees van Reenen
Foto: Kees van Reenen
Vechtende poelkikkers in ven op landgoed Bylaer.