De Koepel in het Luntersche Buurtbosch is weer open. Weliswaar moet je wel eens op je beurt wachten om naar binnen te kunnen, maar al wachtend valt er ook genoeg te beleven. Tien Lunterse kunstenaars, leden van de Kunstlijn, exposeren buiten. Binnen hangen foto’s van leden van fotoclub Oog en Optiek uit Lunteren. Beide exposities hebben als thema ’75 jaar vrijheid’.

Het culturele leven is weer begonnen, in een schilderachtige omgeving midden in het bos. Het is tweede pinksterdag. Als om een uur ’s middags de Koepel, na een lange Coronastop, de deuren opent, heeft zich al rij gevormd om een entreekaartje te kopen bij Jacqueline van Doorn. Zij en haar man Gert Jan zijn de enthousiaste beheerders van de markante uitkijktoren midden in het groen. Keer op keer vertelt ze de wachtende bezoekers hoe de Koepel aan het eind van de 19e eeuw een theehuisje was voor notaris Van den Ham. De notaris had samen met andere welgestelde Lunteranen grond opgekocht van arme boeren en zo een aaneengesloten gebied van arme zand- en heidegrond verkregen.

In 1889 werden er bomen geplant in het kader van een werkgelegenheidsproject. Het theehuisje keek uit op de nieuwe aanplant. Al gauw werd het uitzicht vanuit het theehuisje belemmerd door de flink gegroeide bomen. Op foto’s uit 1905 is te zien dat er een verdieping bijgekomen is. Maar de bomen groeiden weer hoger en dus werd er in de jaren zestig van de vorige eeuw nog een verdieping op het oorspronkelijke theehuisje gezet en werd de Koepel een uitkijktoren. En een toeristische trekpleister.

ZOMERPLEZIER Jaarlijks vinden circa 5000 mensen de weg naar de Koepel die van april tot november geopend is. De kop is eraf op deze stralende maandag. Toeristen, mensen uit de omgeving, allemaal op de fiets of lopend. Mountainbikers en racefietsers leggen even aan voor slok uit de waterpomp, er wordt gepicknickt aan de lange picknicktafels en in de Pleisterplaats wordt koffie en thee geschonken. Ouderwets zomerplezier.

Jannette en Mark Hoffland hebben een Bed & Breakfast in Lunteren. Ze zijn speciaal naar de Koepel gekomen om de exposities te bekijken. ,,We zijn hier om te kijken of het iets voor de gasten is. Wat knap dat mensen zo creatief zijn’’, wijst Jannette op de buitencreaties van de Kunstlijners. ,,Ik ben zó blij dat de cultuur weer op gang kan komen’’, voegt Mark eraan toe. ,,Alles komt ook goed tot zijn recht in deze entourage. Het is toch geweldig dat we dit in Lunteren hebben.’’

KRUISBESTUIVING De laatste keer dat Hans Leeuwenhage uit Utrecht een bezoek aan de Koepel bracht, was in 1978. Hij was padvinder, scout, en kampeerde in Lunteren in het kader van een padvinderij-evenement ‘Jamboree in the air’, een internationaal festijn. ,,De toren was toen slecht onderhouden’’, weet hij nog. ,,En wat een prachtige exposities. Ik werk zelf bij het Landelijk Kennisinstituut voor Cultuureducatie en Amateurkunst. Dus in de cultuursector. Ik kan deze combinatie van een monument in een prachtige natuur met twee exposities zeer waarderen. Het is een mooie kruisbestuiving.’’Alles komt ook goed tot zijn recht in deze entourage. Het is toch geweldig dat we dit in Lunteren hebben.

Benno Bo uit Ede is er met zijn grote gezin. Hij staat uitgebreid te kijken bij de creatie van kunstenaar Jan Bouwsema, een levensgrote triomfboog. ,,Leuk al die objecten, maar technisch is het niet allemaal zuiver’’, zegt hij peinzend. ,,Ik ben zelf handig met hout, ik kijk dus altijd hoe iets in elkaar steekt. Maar’’, nuanceert hij zijn uitspraak, ,,er is wel over nagedacht, het is knap hoe het in elkaar is gezet.’’ Zijn vrouw staat ondertussen met de kinderen in de rij bij Jacqueline. Hijzelf hoeft niet zo nodig naar boven en pakt zijn rustmomentje aan de picknicktafel. Twee uur later stapt het familiegezelschap weer op de fiets. Het was een heerlijke middag in de natuur.

TWEEDE WERELDOORLOG Franca van Hoorne uit Gorinchem is er met haar zoon. Ze is zit in een scootmobiel en leest een boek. Haar vijftienjaar oude Jack Russell wijkt niet van haar zijde. Haar zoon woont in Ede, ze logeert geregeld bij hem. Altijd weer fijn, met alle fietspaden in de omgeving, stelt ze vast. Die exposities hoeven niet zo nodig van haar. ,,Ik houd niet van kunst, zonde van het geld. Het is luxe, laat ze meer geld geven aan de zorg of het onderwijs.’’ Wijzend naar de toren. ,,Dat vind ik dan wel weer mooi. En de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog, daar ben ik ook in geïnteresseerd. Als dat het thema van de tentoonstellingen is, is dat wel weer prima.’’ Ze pakt haar boek. ,,Winterkinderen, van Gilbert Bordes. Over kinderen in de oorlog. Een waar gebeurd verhaal, mooi dat het verteld wordt.’’

,,Zie je hoe goed het is dat we naar links gingen’’, grapt Karin Nieuwstraten uit Zoeterwoude. ,,We zijn op de fiets, komen toevallig langs. Heel verrassend hier, en leuk om onderweg iets cultureels tegen te komen.'' Haar man pakt zijn mobieltje erbij. ,,Kijk dat is in Pennabilli in Italië. Daar hebben ze ook allemaal kunst in de buitenlucht. We genieten altijd van dit soort verrassende ‘ontmoetingen’.’’

De opa van Valentina, want geboren op Valentijns dag, heeft altijd gevaren. Als scheepwerktuigkundige was hij de technische man aan boord. Tja, de techniek van de kunstwerken, daar heeft hij niet zoveel mee op. ,,Maar ik vind het wel leuk om mijn kleindochter over de oorlog te vertellen’’, zegt hij al slenterend langs alle buitenbeelden. ,,Een triomfboog? Ik zie gewoon twee deuren.’’ Na een bezoek aan de toren en de fototentoonstelling is hij vooral een trotse opa die zijn kleindochter iets meegegeven heeft op deze tweede pinksterdag.

Door Annelies Barendrecht