Annemarijn heeft een hoestje overgehouden aan haar trip. ,,Ik heb mijn weerstand daar achtergelaten", zegt ze glimlachend. Samen met Bart (ict-student) maakte ze deel uit van een groep van 32 jongeren uit Voorthuizen en omgeving. ,,Kerkleden organiseerden al eerder dit soort reizen en nu kon ik die kans grijpen. Het is fijn om die mensen te helpen. Bovendien doe ik de pabo en kon ik daar ook met kinderen werken", zegt Annemarijn. Want in de ochtend deed een deel van de groep kinderwerk en 's middags werd er gebouwd aan huizen voor leerkrachten van de school. ,,We gingen knutselen, zoals maskers of hoofdbanden maken. Daarnaast deden we spelletjes, zoals 'Schipper mag ik overvaren', zaklopen, trefbal en tikkertje. Er waren Engelssprekende leerkrachten die onze uitleg konden vertalen naar de lokale taal."

De redactie selecteert wekelijks een aantal verhalen uit de regio waarvan wij denken dat ze het lezen waard zijn.

[DIRECTEUR EN LEERKRACHT] Bart ging in 2016 al een keer mee met dezelfde organisatie naar Zambia. ,,Het was gaaf om dat een keer mee te maken. Je komt in een andere cultuur en het is fijn als je merkt dat de mensen zo dankbaar zijn voor het bouwen. Dat wilde ik nog wel een keer doen."

Tijdens het voorbereidingsweekend van World Servants, zagen ze dat er nog veel meer groepen uit Nederland een zelfde actie elders gingen ondernemen. Het bouwen kregen de deelnemers snel onder de knie, ook doordat leden van de staf hier verstand van hebben. ,,Er liepen ook timmermannen en metselaars van de lokale bevolking die wel wisten wat er moest gebeuren. We noemden het 'Duo Penotti', want iedereen van onze groep trok samen op met iemand uit Malawi." De Voorthuizenaren hoefden niet alleen maar stenen aan te voeren en mochten echt metselen, stukadoren en spanten op het dak tillen. Ze bouwden een woning voor de directeur en een leerkracht, met twee latrines (gaten in de grond als toilet).

[TWINTIG SCHAAPJES] Kamphambe is een dorpje op anderhalf uur van de stad Kasungu, terwijl Malawi een relatief klein Afrikaans land is, omringd door Mozambique, Zambia en Tanzania. ,,Doordat hier een school is, komen er kinderen uit andere dorpjes hier naartoe lopen. Op die manier zitten er meer dan vijfhonderd kinderen op die school."

Naast de creativiteiten, sport en spel, brachten de servants ook iets in dat met het geloof te maken had. ,,We begonnen elke dag met een liedje, zoals 'Read your Bible pray everyday'. We spraken dagelijks een gebed uit en vertelden een bijbelverhaal. Er hing een doek met een aftelsysteem van twintig schaapjes. Als we die allemaal hadden gekleurd, gingen wij weer naar huis. Zo was dat voor de kinderen inzichtelijk."

De bijbelverhalen draaiden om het thema dieren, zodat de schepping, Noach, Jona en Simson aan de orde zijn gekomen. ,,Hier konden we ook spelletjes aan koppelen. Ik weet niet zo goed of ze de verhalen al eens gehoord hadden."

[BAKSTENEN EN GOLFPALTEN] In Kamphambe staat een kerkgebouw, waarop deels een dak was gerealiseerd. Bart en Annemarijn weten niet van welke signatuur de kerk is. Er werd a capella, mooi en stevig gezongen. ,,Ik vind die diensten bijzonder, want het gaat heel anders dan in ons land. Qua inhoud is het redelijk hetzelfde, maar de mensen dansen erbij, zoals bij de collecte. Dat zie ik in Voorthuizen niet zo snel gebeuren (lacht). Voor mij hoeft dat ook niet hoor."

Uit het dansen blijkt vrolijkheid, ondanks het sobere, armoedige leven dat de mensen er leiden. ,,Ze weten niet goed hoe welvarend het in ons land is en zijn gelukkig met de dingen die ze hebben. Ze zijn gastvrij en kwamen ook nog met kippen of zoete aardappelen voor ons aan zetten, terwijl ze zelf niet zoveel te eten hebben."

De twee woningen zijn bijna gereed. Het is de bedoeling dat de 'locals' deze afbouwen. Het bouwmateriaal kwam allemaal uit Malawi zelf. ,,Voor het dorp lijken het bijna op villa's, maar voor een gezin is het naar onze maatstaven nog klein. We gebruikten bakstenen en het dak bestaat uit golfplaten. Er is in zo'n dorp geen water en elektriciteit in de huizen, laat staan internet. Voor water gaat iedereen naar één pomp in het dorp. Daar haalden we elke dag een emmertje water om jezelf te wassen in een rieten hokje."

In de praktijk herkent Annemarijn niet zozeer het kritische geluid dat weleens klinkt over acties als deze, als zouden de Afrikaanse kinderen kortstondig blij worden gemaakt, waarna de snel opgebouwde band met Nederlanders abrupt doorgesneden worden. ,,Alle spelletjes die we deden, zijn door een leerkracht opgeschreven en alle materialen, zoals ballen en papier, hebben we daar achtergelaten. Ze vallen niet ineens in een groot gat. Met één elfjarig meisje had ik een goede band en met haar sprak ik af dat we per post gaan corresponderen. Molly en ik hebben een foto van ons samen gemaakt en die ga ik toesturen, zodat ze daar een herinnering aan heeft."

Bart vindt drie weken werken in Malawi mooi om te doen, maar vermoedt dat hij er zelf niet kan wonen. Annemarijn denkt dat het niet de laatste keer is dat ze in Afrika was. ,,Het heeft mijn hart gestolen. Ik vind het prachtig daar!"

De Gereformeerde Kerk in Voorthuizen gaat om de drie jaar met een groep World Servants op reis. Vooraf worden acties gehouden om 60.000 euro aan bouwmaterialen te kopen, zoals klusdagen, worstverkoop, een sint-actie, een groot dictee en een zwemfestijn, samen met de Rotary. De vliegreis betalen de deelnemers uit eigen portemonnee.

Door: Freek Wolff.