Ze kiest ervoor om tijdens de laatste jaren van haar carrière iets anders te doen dan administratieve werkzaamheden. De actieve brandweertaak als vrijwilliger liet ze begin 2019 al voor wat het was.

Cherry begon haar carrière ooit bij de gemeente Barneveld, waar ze op administratief gebied haar mannetje stond. Toen er een vacature ontstond bij de brandweer, solliciteerde ze. Op het kantoor aan de Nieuwe Markt zag ze ineens ook het repressieve vak van de brandweerlieden en dat fascineerde haar. ,,Mannen met stoere pakken die op pad gingen om brand te blussen, te helpen bij ongelukken, katten uit bomen en koeien uit de sloot halen. De eerste keer dat er alarm was, dacht ik: wat gebeurt hier? Want dan zie je ze aan komen scheuren. Dat sprak me wel aan, want ik was veertig, nog tamelijk jong en wilde wel iets actiefs doen."

Vanuit de administratie zat Cherry ,,dicht bij het vuur", zoals ze het zelf toepasselijk noemt. Van het een kwam het ander. De Barneveldse volgde de opleiding tot vrijwillige brandweervrouw. Dat ze sportief was met onder meer volleybal en fitness maakte het makkelijker om de stap te doen, omdat het brandweervak ook fysieke fitheid vereist.

De redactie selecteert, voor u, wekelijks een aantal belangrijke en spraakmakende verhalen uit de regio.

Ze werd de allereerste vrouw in het brandweerkorps van Barneveld, waar ook Voorthuizen, Garderen, Kootwijkerbroek en Zwartebroek bij horen. ,,Natuurlijk waren de mannen verrast, want in die tijd was de acceptatie van vrouwen in deze sector nog wat minder. Ik hield me eerst wat op de vlakte."

Het brandweervak was vergeleken met mijn begintijd nog niet zo veelomvattend als tegenwoordig, meent Tamaëla. ,,Je moet nu veel meer in de boeken, opdrachten uitvoeren met een leerwerkplekbegeleider en de eisen zijn strenger. Vroeger deden we bij de arbo-arts een fietstest, maar nu moet je bijvoorbeeld de stairmaster lopen, waarmee je in twee minuten een minimum aantal treden moet hebben gestapt. Dan kun je te maken krijgen met verzuring van je benen. Zelf heb ik mijn laatste PPMO (Periodiek Preventief Medisch Onderzoek, red.) nog wel gehaald. Je merkt dat een aantal personen soms wel tegen die keuring aanhikt. Bovendien is er discussie over of er tussen mannen en vrouwen op dit vlak misschien verschil moet zijn, met aanpassing van het tempo bijvoorbeeld. Dat heb je bij Defensie wel."

Maar de brandweervrouw onderkent dat het vak niet alleen kracht vraagt om dit goed uit te oefenen. Je moet ook slim handelen en kennis van (technische) zaken hebben. Wat dat betreft is er geen onderscheid is tussen man en vrouw. ,,En bij ongevallen kun je als vrouw misschien iets meer aandacht voor slachtoffers hebben, om ze mentaal te ondersteunen."

GEWOON ONS WERK DOEN Er waren weleens moeilijke momenten in de omgang met brandweermannen. Tamaëla vindt dat vrouwen zich toch iets meer moeten bewijzen. ,,Het ene korps is daar iets flexibeler in dan het andere. Je moet gewoon jezelf blijven, maar niet over je heen laten lopen. Soms heb je daar steun en hulp bij nodig. Dan is het klaar en moet je voor jezelf opkomen."

Ze ging elke dinsdagavond twee uur oefenen bij de brandweer. Tegenwoordig is het moeilijker om vrijwilligers te krijgen, weet ze. ,,De brandweer moet wel eerlijk zijn wat het van je vraagt en wat ze van je verwachten. En je achterban, je familie, moet je ook steunen, want anders is de kans groot dat je afhaakt."

Bij haar allereerste piketdienst tijdens de jaarwisseling viel Cherry meteen met de neus in de boter, want ze moest mee naar een grote brand in het centrum van Wageningen. Ze vertelt beeldend hoe de vlammen uit een pand sloegen, hoe het piepte en kraakte, hoe het glas sprong en hoe een plafond naar beneden stortte. ,,Dat was best spannend. Ik was niet echt angstig, want je weet dat je niet alleen bent. We letten als team op elkaar. De laatste jaren praten we ook veel meer na en komen de verhalen en emoties los. Er is nu ook een speciaal opvangteam (B.O.T)."

Zelf heeft Cherry weinig tot geen nachtmerries overgehouden aan haar vak, al zegt ze dat ze hier bij sommige uitrukken weleens bij stilstaat. Ze herinnert zich wel een ongeval op de A30, waarbij ze een overleden man zag. ,,De bevelvoerder had al gezegd dat we gewoon ons werk gingen doen, zodat je je daar op kunt concentreren." Ze is nooit vergeten dat een bejaarde dame bij een ongeval bij een spoorlijn veel bloed was verloren, waardoor ze overleed. ,,Er bestond altijd een kans dat je ergens een bekende tegen zou komen, maar dat is me gelukkig steeds bespaard gebleven."

Een brand die haar flink is bijgebleven was bij de familie Van de Brink, waar het bij een woning en een timmermansbedrijf twee keer raak was. ,,Hans van den Brink was zo dankbaar dat het toen goed gegaan was, dat hij zelf ook bij de brandweer is gegaan. Nu is hij ploegcommandant geworden. Hij doet het hartstikke goed."

PENIBELE SITUATIE Vorming van groepjes binnen het team vindt Cherry niet bevorderlijk, maar ze snapt dat het soms ook niet geheel te voorkomen is. Zeker niet in een iets groter korps zoals in Barneveld, met zo'n dertig man.

De enorme natuurbranden die nu plaatsvinden in de Verenigde Staten gaan haar aan het hart. Ze beseft dat ze niet te vergelijken zijn met Nederlandse incidenten op dit gebied. Wel assisteerde ze bij een grote natuurbrand op de Hoge Veluwe. Ze herinnert zich een penibele situatie, waarbij er vlammen onder een voertuig kwamen, zodat er snel gehandeld moest worden. ,,Een chauffeur moet dan snel handelen en de juiste weg vinden over ruig terrein. Dan moet hij goed kijken waar je rijdt. Nee, ik heb geen grote dieren weg zien rennen."

Met het Barneveldse korps mocht ze ook een keer uitrukken naar een duinbrand in Schoorl. ,,Ze kunnen in een systeem zien wat voor voertuigen er in het hele land zijn. Wij hebben een natuurbrandvoertuig, daarom deden ze een beroep op ons. Dat was op 4 mei tijdens de Dodenherdenking. We hielpen en toen het 's avonds acht uur was, hebben we tijdens het nablussen in de duinen en bossen twee minuten stilte gehouden. Daar hoorde je ook echt niks. Dat vond ik bijzonder om mee te maken."

Cherry bleef altijd manschap. Wel werd ze capabel om in de hoogwerker aan de bak te kunnen. Uiteraard mag een brandweerman- of vrouw geen last van hoogtevrees hebben. ,,Van tevoren moet je dat weten. Soms gebeurt het weleens dat iemand dit tijdens de opleiding pas merkt. Je kunt tot 32 meter hoog gaan via een uitschuifladder. Bovenin zit je dan in een korf. Gelukkig hoefde ik niet veel katten uit bomen te redden, want ik heb een hekel aan die dieren. Je hebt handschoenen aan, dat scheelt. Soms zitten die beesten uren op die ene tak en als je ze dan wilt bevrijden, springen ze ineens via andere bomen weg naar beneden."

Paarden en koeien uit de sloot halen met een speciale takel, kwam ook wel voor. Cherry merkte dat collega's met een agrarische achtergrond precies wisten hoe ze dan met de dieren te werk moesten gaan. ,,De een is monteur en kan weer goed uit de voeten bij auto-ongelukken. De ander is postbode en weet precies hoe je ergens snel kunt komen. Zo heeft iedereen in het korps zijn of haar talenten en leer je die waarderen. Samen kun je een mooi team vormen. We zijn er niet alleen om de mensen te helpen, maar helpen ook elkaar."

Cherry koos er in 2014 voor om vrijwillig brandweervrouw te blijven en om niet beroeps te worden, omdat ze zich afvroeg of ze op hogere leeftijd het pittige vak nog zou kunnen uitoefenen. Dus bleef ze in de administratie werken bij de brandweer. Vanaf 2016 draagt ze in de Edese kazerne zorg voor de catering en de lunch in de kantine. Tijdens het gesprek wordt er meerdere keren een beroep op haar gedaan door collega's.

Haar brandweerpak hingen ze per 1 januari van dit jaar voorgoed aan de kapstok. Ze heeft nog wel een pieper, die gaat nog weleens af. ,,Dan kijk ik wat er aan de hand is. Als ik dan de sirene in de buurt hoor, ga ik er nog weleens achteraan. Als ik er dan bij sta, krijg ik wel de neiging om te kijken of ik nog iets kan doen. Of om mensen iets op afstand te houden. Je houdt het gevoel van betrokkenheid. Dat zakt langzaam weg."

Cherry zegt dat ze blij is dat ze het brandweervak kon uitoefenen, dat ze er voor de burgers kon zijn. ,,Het is mooi om te zien als mensen blij zijn dat je iets voor hen kon betekenen. Nu sluit ik dat af en dan mag ik daar best trots op zijn. Ik heb mooie jaren gehad, terwijl er ook tragische gebeurtenissen waren, met brandweerlieden die zijn overleden. Nu kan ik hier dikwijls praten met brandweermannen, ook over het verleden. Dat is prettig."

Op de woensdag is de Barneveldse vrij. Ze heeft drie kinderen en kleinkinderen die haar verhalen wel spannend vinden, maar nog niemand voelt zich geroepen om in haar voetsporen verder te gaan. Ze is blij dat haar man Roy haar altijd steunde bij haar vak. ,,Hij hielp me vaak als ik snel weg moest, maar aan de andere kant merkte hij soms niet eens dat ik 's nachts naar een brand was geweest (lacht). Als ik op dinsdagavond ging oefenen, ging hij de was strijken. Roy was mijn steun en toeverlaat."

Door: Freek Wolff

AberMedia/WHFotografie
Foto: AberMedia/WHFotografie
Cherry Tamaëla nam vorige week na achttien jaar afscheid.