,,Wil je wat drinken?” De 55-jarige wacht het antwoord van de interviewer niet af en is al onderweg naar de keuken. Recht loopt hij op de koelkast af, pakt een blikje en keert om. Allemaal in één beweging. ,,Dat had je niet gedacht hé?” Hij blijkt de verbazing aan te kunnen aanvoelen. ,,Had je verwacht dat ik zwaaiend met een stok de weg in mijn eigen huis niet kan vinden? Nee, ik ben dan wel blind, maar niet achterlijk”, zegt hij met een knipoog.

Hij gaat zitten en schuift recht achter zijn bureau in zijn kantoor aan de Prinsenweg in Nijkerk, net over de grens bij Voorthuizen. ,,Wij bemiddelen in chalets”, legt hij uit. ,,Taxatie, verkoop, inkoop, verhuur of onderhoud. Je kunt het zo gek niet verzinnen of wij doen het. Klanten uit het hele land weten mij te vinden”, vertelt hij trots. Het gaat de ondernemer voor de wind.

VLIEGTUIG Dijxhoorn werd geboren op Curaçao als kind van een Nederlander en een eilander. ,,De artsen zagen gelijk dat er iets niet helemaal goed was met mijn ogen”, vertelt hij. ,,Toen ik één dag oud was zat ik al in het vliegtuig naar Nederland. In het oogziekenhuis in Rotterdam ben ik toen nagekeken en ben gelijk geopereerd.”

De redactie selecteert, voor u, wekelijks een aantal belangrijke en spraakmakende verhalen uit de regio.

Hij bleek een aangeboren oogafwijking te hebben. Bij zijn geboorte zag hij zestig procent. ,,Dat komt bij één op honderdduizend mensen voor. Mijn broer heeft het ook, daarom werd het bij mij niet verwacht, want het is dus zo zeldzaam. Je kunt het dus redelijk uniek noemen…” Tegenwoordig kunnen patiënten aan de afwijking worden geholpen. In die tijd ging dat niet. Hij realiseerde zich op op jonge leeftijd al dat hij later niet meer zou kunnen zien.

Tot zijn vijfde woonde hij op het Caribische eiland. Daarna vertrok zijn gezin naar Nederland. ,,Het was voor blanken op dat moment niet meer veilig op het eiland. Huizen en werkplaatsen werden van hen in de fik gestoken. Mijn ouders dachten al langer over een vertrek naar Nederland, maar daardoor is het wel wat sneller gegaan.”

Ze besloten in Bunnik te gaan wonen, dichtbij een onderwijsinstelling van Bartiméus, waar hij en zijn broer naar school konden gaan. ,,In principe kregen wij hetzelfde onderwijs als ieder ander, alleen waren de letters in boeken wat groter en lag het tempo iets lager.” Hij volgde de basis- en middelbare school. Na wat omwegen studeerde hij international telecommunicator. ,,En, ik heb nog anderhalf jaar gereden. Daarna ging mijn zicht achteruit en lukte het niet meer.”

BLOEDING Tot 1992 zag hij namelijk nog 40 procent. ,,Daarmee was goed te leven, maar het liep wel terug. Ik moest geopereerd worden.” Het noodlot sloeg toe. De operatie ging goed, maar na afloop kreeg hij een bloeding, waardoor hij opeens naar 20 procent zicht ging. ,,De doktoren zeiden tegen mij: ‘we gaan voor verbeter variant A, maar het kan ook B, C of D worden’. Dat hadden ze niet in de hand.”

Een operatie om zijn ogen te redden mislukte drie maanden later ook. Weer ging het goed, maar een bloeding gooide roet in het eten. Toen ging er nog eens 15 procent van zijn zicht af. ,,Dat was verschrikkelijk. Opeens zie je nog maar vijf procent. Dat is echt nog wel heel weinig. Het is behoorlijk frustrerend, ook omdat je er niks aan kunt doen. Dat was in maart ‘93. Vanaf dat moment ben ik mijzelf blind gaan noemen. Ik zag alleen nog wat contouren. Het ging heel langzaam achteruit.”

Zijn vrouw ontmoette hij jaren eerder. Het stel kreeg twee kinderen voor het besloot te trouwen. ,,Ik wilde mijn vrouw heel graag in een trouwjurk zien. Dat lukte nog net in 1994.” Hij koestert het moment. ,,Ik ben er ontzettend dankbaar voor.” Na zijn trouwen mochten ze nog twee kinderen verwelkomen.

KLANTEN Hij ging aan de slag bij Reaal Uitvaart in Utrecht als coördinator en opleider. ,,Dat vond ik erg mooi werk. Het voelt goed om kennis over te dragen op anderen.” Zijn handicap zat het werk daar niet in de weg. Lastiger waren verhalen van klanten, de mensen die alles omtrent het overlijden van een dierbare moesten regelen. ,,Dat vond ik soms wel moeilijk.”

Na een reorganisatie moest hij eind 2001 weg bij het bedrijf. ,,Het nieuwe management zag een blinde op de werkvloer niet zitten. Ik moest toen het veld ruimen. Heel jammer vond ik dat.” Hij slikt. ,,Als je altijd een fijne baan hebt gehad, is het niet fijn dat te moeten opgeven.”

Het duurde lang voordat hij een nieuwe baan vond. Pas in 2009 vond hij een nieuwe uitdaging. Tot die tijd lukt het niet om aan het werk te komen. Huisvader is hij in de tussentijd geweest. ,,Dat was hartstikke leuk, maar ik voelde wel dat ik toe was aan iets nieuws.”

OPLOSSING Hij besloot het heft in eigen handen te nemen en zette een telecombedrijf op. Daarmee adviseerde hij mensen. ,,Ik vond het fijn om voor mijzelf te werken en iets te doen dat ik leuk vind. Ik denk dat dat heel belangrijk is.” Helaas liep het bedrijf niet goed. Hij zocht naar een oplossing. ,,Toen kwamen de chalets opeens op mijn pad”, geeft hij als verklaring voor zijn baan in de makelarij.

,,Ik heb mijn zoon, een vriendin en een vriend van mij aan een chalet hier in de buurt geholpen. Toen kwamen er steeds meer aanvragen binnen. Toen ben ik, samen met een goede vriend van mij Gregory Chaletservice begonnen.” Inmiddels heeft hij vijftien personeelsleden en verhuisde hij drie jaar geleden naar Voorthuizen. ,,Zo sta ik lekker dicht bij wat ik doe.”

Opvallend is natuurlijk zijn handicap bij het werk. ,,Ik ga zelf op bezichtiging”, lacht hij. ,,Dan loop ik langs de muren en tast ik het chalet af. Ik spring op de vloer om te kijken of die stevig is. Voelend kom ik altijd wel een heel eind”, lacht hij. ,,Ik neem wel altijd zicht mee hoor. Een collega ziet de dingen die ik mis.”

Ook merkt hij dat hij niet altijd serieus genomen wordt door zijn handicap. ,,Mensen denken vaak dat je als blinde niet alles kunt. Wat een onzin, ik draai net zo goed mee in de maatschappij. Ik erken mijn handicap, accepteer hem en leef ermee. Andere mensen moeten dat dan ook doen vind ik.”

Hij is openminded en staat positief in het leven. ,,Ik geloof in mijzelf en mijn kunnen. Als je dat zelf niet doet, dan ben je nergens. Ik ben een positief mens en zie mijzelf niet als gehandicapt. En als anderen dat ook niet doen, dan leven we in een heel fijne wereld.”

Door Rik Bronkhorst