MARTIJN VAN VELDHUIZEN OVERWON FIPRONILCRISIS

Een bord met 'te koop' in de tuin zetten en stoppen met de boerderij. Dat scenario schoot door het hoofd van Martijn van Veldhuizen, die samen met zijn vrouw Jantine een biologisch legpluimveebedrijf in Lunteren bestiert. ,,Ik dacht dat ik de zaken onder controle had, maar heb ervaren hoe kwetsbaar en afhankelijk je bent."

Martijn van Veldhuizen is één van de pluimveehouders die nog geen 2,5 jaar geleden getroffen werd door de fipronilcrisis. Zijn bedrijf met 13.000 leghennen werd geblokkeerd door de NVWA. ,,Je krijgt een belletje van de NVWA en de rest moet je dan zelf maar uitzoeken. In die fase heb ik zeker getwijfeld of we nog wel door moesten boeren."

Mede dankzij zijn vrouw Jantine lopen er nog altijd kippen op de kleine zes hectare grond die behoort bij het perceel aan de Vitterweg, tussen Barneveld en Lunteren. ,,Mijn vrouw was op dat moment de stabiele factor van ons tweeën. En al schoot stoppen op dat moment door m'n hoofd; genieten we nu nog elke dag van dit bestaan."

GOEDE ZEKERHEID Het echtpaar kocht eind 2009 de boerderij en koos direct voor een biologisch leghennenbedrijf. ,,Het was een oud spulletje dat we opkochten, Bij de start konden we een contract voor 3,5 jaar afsluiten, wat ons goede zekerheid bood voor het afzetten van de eieren. Zodoende hebben wij het bedrijf op kunnen bouwen." De boerderij aan de rand van Lunteren is een echt familiebedrijf: Martijn combineert dit met een baan. Zijn vrouw steekt ook veel uren in het bedrijf, terwijl kinderen ook enthousiast meehelpen.

Artikel gaat verder onder de foto van Carola Schouten op bezoek bij Martijn van Veldhuizen.

Het leven van een pluimveehouder is er een van ups en downs, schetst Van Veldhuizen. ,,Ik dacht dat ik alles zo mooi voor elkaar had, maar calamiteiten als fipronil, vogelgriep of nu de stikstofcrisis heb je helemaal niet in de hand. Het komt vroeg of laat op je pad. Dat zet je wel even stil bij waar je mee bezig bent." De financiele schade van de fipronilcrisis is zo'n 3 ton. ,,Dat collega-boeren die niet getroffen werden, veel hebben verdiend terwijl wij in de penarie zaten, daar heb ik geen moeite mee. Dat is het risico van ondernemen."

Waar de Lunteraan meer moeite mee heeft, zijn andere economische effecten. Hij doelt op het importeren van buitenlandse eieren die verwerkt worden in Nederlandse producten . ,,Dat is één van de negatieve gevolgen van onze regelgeving. Heel frustrerend. Een positieve waardering van het Nederlandse ei, waar we volgens de hoogste kwaliteit- en welzijnseisen ter wereld werken, zou wenselijk zijn. Boeren willen ook een fatsoenlijk inkomen hebben."

Wat dat betreft ziet de wereld van Van Veldhuizen er weer wat zonniger uit. De marktprijzen voor biologische eieren daalden het afgelopen jaar, maar inmiddels is er licht aan het einde van de tunnel. ,,De neergang is op zijn retour, dat zie je vaak terug als de zomer voorbij is." Uiteraard is de pluimveehouder blij met die laatste ontwikkeling. ,,We zijn er bovenop gekomen na de fipronilcrisis, we tellen onze zegeningen", benadrukt Van Veldhuizen. Hij hoopt dat er weer stabielere tijden aanbreken om weer meer vet op de botten van het pluimveebedrijf te creëren. ,,Vogelgriep blijft natuurlijk heel onvoorspelbaar. Op zo'n volgende calamiteit moeten we voorbereid zijn."

THEO BOS PLEIT VOOR EEN GELIJK SPEELVELD

,,Creëer een gelijk speelveld." Dat is de oproep van Theo Bos, pluimveehouder uit Barneveld. Aan de Peppelseweg houdt hij circa 15.000 biologische leghennen en 40.000 vrije-uitloopkippen.

In discussies over de toekomst van de pluimveesector in de Gelderse Vallei laat de energieke Bos zich duidelijk horen. De Barnevelder constateert dat in zijn sector het aantal bedrijven krimpt, terwijl het aantal dieren per bedrijf wel gegroeid is. ,,Het heeft bijvoorbeeld te maken met steeds meer regels op het gebied van milieu, kwaliteitseisen of dierenwelzijn. Die werken schaalvergroting in de hand. Logisch ook, want over meer dieren kun je de oplopende kosten beter spreiden. Zo houd je de tenminste nog marge, al liggen die in feite te laag."

Juist dat stoort Bos het meest in actuele discussies over stikstof, dierenwelzijn en crises als fipronil en vogelgriep. ,,Alle politieke partijen en maatschappelijke vertegenwoordigers, van links tot rechts, roept elke keer dat er een eerlijk verdienmodel tot stand moet komen. Maar vervolgens gebeurt er helemaal niets. Sterker nog, grote politieke beslissingen vallen in ons nadeel uit."Dit soort kwesties houden niet bij de landsgrenzen op

IMPORT De Barnevelder doelt onder meer op goedkoop kippenvlees uit Latijns-Amerika en legbatterij-eieren uit Oekraïne die naar Nederland worden geïmporteerd. De importproducten hoeven vaak aan minder strenge eisen te voldoen dan de Nederlandse eieren. ,,Via die weg worden massaal kooi-eieren verwerkt in producten die in onze supermarkten liggen. Daar stoor ik mij enorm aan. Het raakt Nederlandse boeren, die juist produceren naar onze maatschappelijke wensen, direct in hun portemonnee. Hoezo een gelijk speelveld?" Hij vervolgt: ,,Kijk naar het handelsverdrag van de EU met Oekraïne en Zuid-Amerika en CETA, de afspraken met Canada. Dat soort besluiten vallen in het nadeel van de Nederlandse boer uit."

Bos vindt dat dergelijke vraagstukken ook in internationaal verband bekeken worden. ,,Nederland is een handelsnatie. Andersom brengen wij ook veel eieren en vlees naar het buitenland, maar die zijn wel geproduceerd volgens onze strenge eisen. Zorg voor gelijke spelregels. Dit soort kwesties houden niet bij de landsgrenzen op. Zo kijk ik ook naar de ideeën van Tjeerd de Groot. Hij doet alsof de landbouwsector beperkt is tot Nederland, terwijl we boeren in een wereldmarkt."

Het artikel gaat verder onder de foto van Theo Bos.

De landsgrenzen houden wat de Barneveldse boer betreft ook niet op inzake de stikstofcrisis. 35 procent van de stikstofdepositie in Nederland is afkomstig uit het buitenland, becijferde het RIVM. Andersom stoot Nederland meer stikstof uit naar buurlanden. ,,Maar zelfs als we het hele land stilleggen en niets meer doen, dan is de depositie uit het buitenland groter dan de vastgestelde drempelwaarde die voor de natuur in Nederland vastgesteld is. De natuureisen gaan we dus niet halen, welke maatregel we ook nemen."

Het geeft de complexiteit van het probleem aan en dat gaat volgens Bos weer nieuwe uitdagingen in de hand werken. ,,Om stikstof tegen te gaan, kunnen we warmtewisselaars in de stal inzetten. Maar een warmtewisselaar is weer slecht voor de uitstoot van CO2. Ik denk dat we zulke problemen veel breder moeten gaan zien. Er zijn zoveel variabelen waar rekening mee gehouden moet worden."

SUPERFOOD De vraagstukken verpesten het humeur van de Barneveldse pluimveehouder geenszins. ,,De vraag of het nog steeds leuk is om boer te zijn, wordt mij steeds vaker gesteld. Maar ik vind het nog steeds prachtig om kippenboer te zijn. We produceren met levende dieren een gezond product. In een ei zitten zoveel mineralen en vitaminen die goed zijn voor de mens. Het is een superfood." 

VOORLOPER ERIK VAN VELDHUISEN GAAT HET GEVECHT AAN

Weerstand binnen de eigen keten. Die ondervond scharrelkuikenhouder Erik van Veldhuisen uit Renswoude toen hij het initiatief nam tot 'Kip van de Boer'. Onder die noemer haalt hij een deel van zijn geslachte kippen terug naar het erf, om die vervolgens zelf aan consumenten en horeca te verkopen. ,,Het was een zoektocht, nog steeds eigenlijk."

Van Veldhuisen boert aan de Kooiweg in Renswoude, waar hij zo'n 25.000 scharrelvleeskuikens houdt. Hij levert kippenvlees met één ster van het Beter Leven-keurmerk van de Dierenbescherming. Een klein deel van de dieren die naar de slachterij gaan, keert weer terug op zijn erf.

Mensen die op mijn erf komen, kunnen met eigen ogen zien hoe de kuikens leven en groeienDat kippenvlees verkoopt Van Veldhuisen zelf. Particulieren kunnen via zijn website KipvandeBoer.nl vlees bestellen en ophalen. Ook wordt het vlees geleverd aan diverse horecapartijen. ,,Ik vind het belangrijk om te laten zien wat ik doe. Mensen die op mijn erf komen, kunnen met eigen ogen zien hoe de kuikens leven en groeien", benadrukt de pluimveehouder.

In december begon hij met dit concept, dat hij schaart onder 'eten uit de korte keten'. ,,De groep mensen die hier gebruik van maakt, is nog niet zo groot, maar deze klanten hechten er waarde aan om te weten waar hun voedsel vandaan komt. Dat vind ik mooi. Daarnaast is het voor mij ook een manier om de mogelijkheden van een ander verdienmodel te onderzoeken."

VECHTEN Voordat Kip van de Boer van de grond kwam, moest Van Veldhuisen strijden. ,,Ik stapte met dit idee naar de slachterij toe, maar dat stuitte op veel weerstand. Hun reactie was: 'Dat gaan we niet doen. Te veel rompslomp, te moeilijk, te kleine hoeveelheden'. Logisch ook, want een slachterij heeft andere belangen dan een boer. Ik heb wel een poosje moeten vechten voordat dit idee van de grond kwam."

Bij twee slachterijen kreeg Van Veldhuisen nul op het rekest. ,,Met de keuze om van slachterij te wisselen, zet je het bestaansrecht van je bedrijf ook op het spel. Want zo heel veel andere keuzes zijn er niet." Bij de derde slachter kon de Renswoudse boer wel op enthousiasme rekenen. ,,Daar heb ik een goede verstandhouding mee. Al zijn het nog kleine aantallen, relatief gezien verdien ik met Kip van de Boer beter dan via de reguliere weg. Dat heeft ermee te maken dat alle schakels in de keten geld willen verdienen aan het stukje vlees dat ik lever. Via dit concept vallen die tussenschakels weg."

Artikel gaat verder onder de foto van Erik van Veldhuisen.

Van Veldhuisen is binnen de pluimveewereld een van de voorlopers op dit gebied. ,,Ik hoop dat het verder gaat groeien. Ik ben nu ook in gesprek met wat cateraars en misschien zijn zorginstellingen ook wel interessant om eens contact mee te leggen."

STIKSTOFCRISIS Het is ook een van de manieren waarop hij perspectief zoekt voor zijn bedrijf, juist in uiterst onzekere tijden. Ook Van Veldhuisen verkeert in onzekerheid vanwege de stikstofcrisis. Hij heeft milieuruimte om zijn bedrijf eventueel uit te breiden, naar een bedrijf met zo'n 50.000 kuikens. ,,Ik mag binnen de huidige regels een stal bijbouwen, dat is een verworven recht", zegt Van Veldhuisen. ,,Nu is de kans groot dat door nieuwe stikstofregels dat recht afgepakt wordt."

Die vrees zou betekenen dat Van Veldhuisen zijn plannen niet door kan zetten. Op dit moment combineert hij het bestaan als pluimveehouder met een job als pluimveeadviseur bij een Duitse bank. ,,Een dorp bouw je net als een boerderij ook niet in één dag. Het was mijn plan om in de toekomst fulltime boer te worden en mijn werk ernaast af te bouwen. Nu is het maar de vraag of en wanneer dat kan", zegt Van Veldhuisen. Het betekent niet dat hij niet strijdlustig is. ,,Ben je gek joh. Het motiveert mij alleen maar om er nog harder tegenaan te gaan. Ik blijf het verhaal van mijn bedrijf vertellen."xkmwsypgbvzxqxzz

Door Edward Doelman

Deze publicatie is tot stand gekomen met steun van het Fonds Bijzondere Journalistieke Projecten. Meer informatie op www.fondsbjp.nl