Schaalvergroting is decennialang de norm geweest in de landbouw. Boeren werden vanwege de relatief lage opbrengstprijzen en noodzakelijke investeringen gedwongen tot groei van hun bedrijf. Zodoende kunnen zij de kosten over meer dieren uitsmeren en alsnog een fatsoenlijk inkomen verdienen. Maar dit systeem is volgens landbouwminister Carola Schouten niet langer houdbaar. Haar droom is kringlooplandbouw, maar daar zitten nogal wat financiële haken en ogen aan. Pluimveeboeren zijn overgeleverd aan de grillen van de markt.

Dat maakt de Taskforce Verdienvermogen meer dan duidelijk. Nog geen twee maanden geleden werd door een onderzoekscommissie van negen personen, met onder anderen econome Barbara Baarsma (Rabobank) en AgriFirm-directeur Ruud Tijssens, een rapport uitgebracht over het verdienmodel van de boer. De bevindingen waren niet mals: kringlooplandbouw in de praktijk uitwerken is ingewikkeld, met name in de huidige financiële boerenwerkelijkheid.Na de markt dronken we een borreltje

De Taskforce stelt dat voedsel fors duurder moet worden. Lukt dat niet, dan zal de boer tijdens de overgang naar kringlooplandbouw het hoofd niet boven water houden. Uit gegevens van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) en het Wageningen Economic Research (WER) blijkt dat het gemiddelde gezinsinkomen van agrariërs in 2018 op 60.000 euro uitkwam. De Taskforce nuanceert dat beeld echter, want zij wijst erop dat de inkomensongelijkheid onder boeren groot is. „De voorbije jaren had minimaal 20 procent van de boeren een inkomen onder de lage inkomensgrens van ongeveer 25.000 euro.”

EIERNOTERING Om geld en opbrengsten draait het ook elke donderdagochtend in het Pluimveemuseum in Barneveld, waar wekelijks de Barneveldse eiernotering wordt vastgesteld. ,,Elke stuiver telt”, verzekert Jan van Raai uit Woudenberg. Hij haalt met zijn bedrijf wekelijks zo’n 8 miljoen ongesorteerde eieren op bij pluimveehouders uit Nederland. De eieren worden aan de Stationsweg in Woudenberg gewogen, geëtiketteerd en vervolgens afgeleverd bij pakstations. Tevens is hij vicevoorzitter van de Barneveldse eiermarkt, die tot 10 jaar geleden een levendig gebeuren was. Boeren en handelaren kwamen bijeen om de eieren te verhandelen. Van Raai: ,,En na de markt dronken we een borreltje.”

Eieren zijn er niet meer, maar de prijzen worden gewoontegetrouw nog steeds vastgesteld. Op deze ochtend steken vijf handelaars en boeren de koppen bijeen om de nieuwe vrije handelsprijzen te bepalen. ,,Er zijn mensen die zeggen dat onze eiernotering oubollig is. Je zou dit ook prima digitaal kunnen oplossen”, weet Van Raai. ,,Maar dit is leuker.” De prijzen van scharreleieren en kolonie-eieren, ook wel bekend als ‘verrijkte kooi’, worden per gewichtscategorie vastgesteld, variërend van 100 eieren van 48 gram tot 67 gram per stuk.

In eerste instantie bepalen alle leden van het gezelschap hun eigen prijzen. Van Raai zamelt de suggesties in en doet vervolgens een voorstel voor het Barneveldse prijspeil. Her en der leidt dat tot discussies. In dit geval lopen de suggesties uiteen op het moment dat de prijs voor scharreleieren van 61 gram vastgesteld moet worden. ,,We hebben een behoorlijk verschil, van 8,15 tot 8,30 euro”, stelt Van Raai droogjes vast. Pluimveehouder Bertus Verbeek uit Woudenberg haakt daar meteen op in. ,,Ik vind 8,25 euro zeker gerechtvaardigd. De markt is zeker niet slecht.” De rest van de tafel schikt zich in dat voorstel. Voor de goede orde: elke stuiver per 100 eieren maakt een wezenlijk verschil. ,,Op de markt zijn er altijd jongens die voor een stuiver meer of minder al gaan lopen.”

De opbrengsten gaan dus niet over de eierprijzen in de supermarkt, een significant andere markt die tot jaloezie bij eierhandelaren zal leiden. De Consumentenbond deed dit voorjaar onderzoek naar eierprijzen en kwam tot het inzicht dat de consumentenprijs gemiddeld met 26 procent omhoog gekrikt was. ,,De eierprijs was nog nooit zo hoog”, luidde de conclusie. Rien van Tilburg laat namens de EWN Eierencentrale in Barneveld dat hij niet opkijkt van dat onderzoek. ,,De eiermarkt voor de handel is een kwestie van vraag en aanbod, die onvoorspelbaar is. Ik zou je nu niet kunnen zeggen hoe de markt er volgend jaar uitziet.” Maar dat zit anders zodra de supermarkten ter sprake komen. ,,Zij dicteren de markt.”

PRIJSINELASTISCH Pluimvee-econoom Peter van Horne, als onderzoeker verbonden aan de Wageningen Universiteit, legt uit dat supermarkten de prijsverhogingen twee jaar geleden hebben ingezet, nadat de fipronilcrisis uitbrak. ,,Dat was niet raar, ook een gevolg van vraag en aanbod. Het aanbod van eieren ging tenslotte naar beneden.” Maar hoewel het aanbod van eieren inmiddels weer op peil is, zijn de prijzen sindsdien niet meer gedaald. ,,Eieren zijn een prijsinelastisch product. Wie een cake gaat bakken, heeft simpelweg eieren nodig. Het duurder maken van de eieren leidt voor supermarkten niet tot omzetverlies, maar juist tot meer winst”, legt Van Horne uit.

Hij schetst dat een ei voor 25 tot 30 cent aan een consument verkocht wordt. Zo’n 7 of 8 cent komt terecht bij de pluimveehouder, terwijl het sorteren en verpakken 2 á 3 cent per ei kost. ,,Dat was voor de fipronilaffaire ook al zo. De retail steekt de extra marge die het haalt in de eigen zak.” Dat legpluimveehouders niet meeprofiteren is volgens Van Horne een gegeven. ,,Je kunt daar natuurlijk over klagen, maar het is een economische werkelijkheid. Supermarkten kopen zo scherp mogelijk in.”

PLUIMVEEHOUDERS Deze marktschets zal ook vleespluimveehouders bekend voorkomen. Ook zij zitten in de mangel van meer produceren tegen lage opbrengsten. Van elke kipfilet gaat grofweg 20 procent naar de boer, terwijl de pluimveeverwerkende industrie 65 procent in zijn zak steekt. Dat is een van de andere bevindingen van de Taskforce Verdienvermogen. De Taskforce meent dan ook dat het ‘wenselijk’ zou om de gangbare landbouw anders te beprijzen. Zo worden boeren tot nu toe niet beloond voor hun investeringen die herstel van de biodiversiteit bevorderen. Het zou betekenen dat consumenten meer moeten betalen voor vers voedsel. De opbrengst daarvan zou terecht moeten komen bij boeren, als ondersteuning voor de omschakeling naar kringlooplandbouw.

Ook wordt gepleit voor extra subsidies voor de overgang naar kringlooplandbouw. Verder moeten boeren meer macht verkrijgen ten opzichte van de verwerkende industrie en supermarkten. Eerder dit jaar maakte minister Schouten al duidelijk dat zij de Autoriteit Consument & Markt (ACM) onderzoek laat doen naar de prijsvorming in de voedselketen.

Het zijn allemaal suggesties die niet van vandaag op morgen te realiseren zijn. De Taskforce Verdienvermogen wijst erop dat Nederland voor de transitie naar kringlooplandbouw internationale - vooral Europese - afspraken moet maken. Driekwart van wat de Nederlandse boer produceert gaat tenslotte de grens over en hetgeen er op de Nederlandse borden ligt, komt voor het merendeel uit het buitenland. Er zijn op dit moment echter weinig landen zijn die hetzelfde landbouwbeleid willen inzetten.

BALANS Buitenlandse eieren komen ook aan de orde in het Pluimveemuseum, als het ‘vuile werk’ gedaan is en de Barneveldse eiernotering voor de komende week is vastgesteld. De transitie naar kringlooplandbouw, met de daarbij gepaard gaande inkrimping van veestapel, wordt met argusogen bekeken. ,,Het probleem is dat de verkoopprijs van eieren niet gerelateerd is aan de inkoopprijs. Pas als dat met elkaar in balans is, kunnen boeren een faire prijs bedingen”, zo verwoordt Van Raai. Dat is alleen makkelijker gezegd dan gedaan. Het vertrouwen in de veranderingen die voor de komende jaren op stapel staan is niet groot, zo blijkt uit de gezamenlijke conclusie aan tafel. ,,Verhogen we de prijzen in Nederland, dan haalt de industrie gewoon goedkope eieren uit het buitenland. Zo werkt het nou eenmaal in de eiermarkt.”

Supermarkten willen voor kringlooplandbouw eenheid van beleid
Voor de omschakeling naar kringlooplandbouw zien de Nederlandse supermarkten, verenigd in het Centraal Bureau Levensmiddelen (CBL), een rol voor zichzelf weggelegd. Dat maakt CBL-directeur Marc Jansen duidelijk in een open brief aan landbouwminister Carola Schouten. Hij pleit voor eenheid van beleid.
Het CBL is van plan om onder meer de samenwerking in de keten versterken. ,,Langlopende contracten in gesloten ketens leiden tot zekerheid en stabiliteit bij zowel de leverancier (boer) als de afnemer." Als voorbeeld noemt Jansen onder meer de samenwerking tussen Kipster en Lidl. ,,De verwachting is dat deze vorm van samenwerking de komende jaren verder gaat toenemen. Belangrijk hierbij is om te realiseren dat deze ketenrelaties echter niet voor alle boeren in Nederland mogelijk zijn. Veruit het grootste deel van de boeren en tuinders produceert niet voor de Nederlandse markt."
Ook meer transparantie is volgens de supermarkten wenselijk, juist omdat de consument 'mee moet in de overtuiging dat de door de overheid gewenste kringlooplandbouw de juiste weg is'. Jansen pleit dan ook voor duidelijke kaders. ,,Consistent beleid is een essentiële voorwaarde. Kies bijvoorbeeld voor het verhogen van de wettelijke normen voor dierenwelzijn bij de productie van vlees of het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen. Door de lat hoger te leggen, worden ook de beter presterende agrarisch ondernemers weer gestimuleerd om additionele stappen te zetten."

Deze publicatie is tot stand gekomen met steun van het Fonds Bijzondere Journalistieke Projecten. Meer informatie op www.fondsbjp.nl.

Door Edward Doelman

Jasper Juinen
Foto: Jasper Juinen
'Duurderde eieren leiden tot meer winst voor supermarkten.'
Fonds BJP
Foto: Fonds BJP