Gerard van Wijk

Reddingsbrigade Nederland, ofwel de Koninklijke Nederlandse Bond tot het Redden van Drenkelingen (uit 1917), verenigt 157 reddingsbrigades met in totaal bijna 23.000 leden. Onder hen zijn 2750 lifeguards, goed opgeleide vrijwilligers die actief zijn aan de kust, bij binnenwater en in zwembaden. De gemeente Ede heeft nogal wat plassen, meren en singels en de reddingsbrigade is derhalve geen overbodige luxe. De organisatie is met name ook actief als het om reddend zwemmen gaat. Volgende maand beginnen de lessen weer in zwembad De Peppel. In ´normale´ tijden zorgt de Reddingsbrigade Ede ook voor de bewaking bij evenementen, maar het coronavirus heeft daar afgelopen halfjaar een streep door gezet. Er wordt geoefend samen met de Reddingsbrigade Arnhem.

Hans van Scheijen (53) is technisch leider en adviseur van de reddingsbrigade. Hij is ook nog instructeur en voormalig voorzitter. Hij loopt inmiddels al 40 jaar mee, vanaf z´n dertiende. Zijn moeder was ook instructeur en zijn vrouw en dochter zijn dat ook al. Kortom, een familiegebeuren. De Reddingsbrigade Ede is in 1979 opgericht en Van Scheijen is er dus bijna vanaf het begin bij betrokken. Een betere informatiebron is niet te vinden.

SAMENWERKEN ,,Er is een drietal aspecten waarom het belangrijk is. Wij zijn lid van een vereniging, een club van gelijkgestemden die dezelfde interesse hebben, het is ook gezellig. Ten tweede hebben we in de gemeente Ede meer dan zat waterplassen. En in de laatste plaats, maar zeker niet de onbelangrijkste, is de hulpverlening bij wateroverlast, overstromingen en een dijkdoorbraak. Dan werken de reddingsbrigades samen. Bij een dijkdoorbraak kan een deel van Ede onder water lopen en dan helpen we mee evacueren. Dat is niet geheel ondenkbeeldig”, aldus Van Scheijen.

EIGEN BOOT Bij calamiteiten op het water wordt de reddingsbrigade vaak niet ingezet. ,,We hebben wel de expertise”, zegt Van Scheijen. Met de brandweer zou de reddingsbrigade graag betere contacten willen hebben. Een vurige wens is nog steeds niet gerealiseerd: een eigen boot. Dat kan, met nogal wat vijvers in de naaste omgeving en bij de warme zomers van deze tijd en dus nogal wat waterliefhebbers, een effectief middel zijn om mensen uit een benarde positie te bevrijden. ,,Een vlet of rib zouden we graag willen. Een vlet is een ondiep stekend schip met platte bodem en een rib is een opblaasbare boot, met een verharde bodem, meestal van polyester of aluminium. We hebben wel een bemanning voor de boot, maar we missen de boot zelf. Je moet een onderkomen hebben voor zo´n boot. We hebben de gemeente wel gepolst, maar het blijft lastig. We dachten bijvoorbeeld aan een oude brandweerkazerne.”

De landelijke organisatie drukt het fraai uit: een reddingsbrigade bestaat uit een groep mensen met als doel het op non-profitbasis voorkomen en beheersen van ongevallen, vooral in soms afgelegen buitengebieden. De gemeente Ede heeft van die buitengebieden, binnenwateren recreatieplassen. In een waterrijk land is de reddingsbrigade een onmisbaar instituut.