Corona brengt kunstsector het water aan de lippen

27 juli 2020 om 11:45

p 1

Het gaat volgens Karel de Krijger van de BAK kortom om alle lokale verenigingen die amateurkunst beoefenen. ,,De gemeente laat blijken waardering te hebben voor de amateurkunst. We hopen dat de gemeente in deze situatie ons ook kan helpen.”

Het verlies is niet eenduidig. Er zijn verenigingen die zeggen weinig schade te hebben ondervonden, maar er zijn er ook die een behoorlijk verlies hebben geleden. Omdat geplande optredens zijn geannuleerd, er geen kaartverkoop is, repetitieruimtes niet verhuurd kunnen worden, omdat kortom de inkomsten weg zijn gevallen, maar de uitgaven doorgaan. ,,Bij alle verenigingen worden de dirigenten en instructeurs doorbetaald en loopt de contributie door. Wel is bij veel verenigingen een terugloop in het aantal leden dat niet gecompenseerd wordt door nieuwe leden. Bij de geannuleerde concerten van de oratoriumkoren kregen de solisten en orkesten geen geld. Voor hen is dat een groot verlies.” De netto schade is 305.590 euro. De vraag van de gemeente aan de BAK volgt op de vraag van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) aan de rijksoverheid om aanvullende ondersteuning voor de culturele sector. Dat betreft zowel de grotere culturele instellingen als de amateurkunst. Het kan anders leiden tot gaten in de lokale programmering. ,,En wanneer je dan ruimere financiële ondersteuning gaat vragen, moet je wel weten waar je over praat, vandaar de enquête.”

Twee voorbeelden. De 70 jaar bestaande Showkorpsen Irene, met ruim 120 leden, is een in het land veel gevraagde en gewaardeerde gast. Elders in deze krant geeft voorzitter Van der Jagt uitleg over de situatie die er is ontstaan. Karel de Krijger is ook voorzitter van COV Excelsior, de uit 1905 daterende christelijke oratoriumvereniging, met ruim 80 leden. ,,De Matthäus Passion, die we in april zouden uitvoeren, kon niet doorgaan. Dat zijn uitvoeringen die een culturele verrijking zijn voor Ede. Voor vrijdag 27 november staat ons eerste concert op de agenda, de Messiah van Händel, maar wel zonder publiek. Zo´n uitvoering programmeer je één jaar, anderhalf jaar, van tevoren. Je moet het plannen met de kennis die we nu hebben. Er zijn kosten gemaakt, maar er zijn geen inkomsten.”