In 2015 in beslag genomen wapens bij verdachten van de stroperijzaak.
In 2015 in beslag genomen wapens bij verdachten van de stroperijzaak. Politie

Grote stroperijzaak met ‘Edenaren' krijgt vervolg

1 december 2020 om 15:46

Wim Vonk

LUNTEREN/AMSTERDAM Het Openbaar Ministerie (OM) heeft vrijdag in hoger beroep twee jaar gevangenisstraf, waarvan een half jaar voorwaardelijk, geëist tegen de hoofdverdachte uit Kootwijkerbroek in een grote strafzaak over stroperij en illegaal wapenbezit.

In deze strafzaak voor het gerechtshof in Amsterdam staan nog acht andere verdachten terecht. Zij zouden volgens het OM vooral illegaal hebben gejaagd in boswachterij Kootwijk-Loobos, het uitgestrekte natuurgebied tussen globaal bezien de provinciale weg Harskamp-Stroe en Radio Kootwijk, inclusief het Kootwijkerzand.
De acht andere verdachten zijn drie Kootwijkerbroekers en inwoners van Lunteren, Otterlo, Wekerom, Harskamp en Scherpenzeel. Tegen één van de drie andere Kootwijkerbroekers is een celstraf van drie maanden geëist.

LAGERE STRAF De behandeling van het hoger beroep volgt tweeënhalf jaar na de veroordeling van de negen mannen in mei 2018 door de rechtbank in Amsterdam. Ook toen eiste het OM tegen de hoofdverdachte uit Kootwijkerbroek twee jaar celstraf, waarvan een half jaar voorwaardelijk, en 1.200 euro boete.
De rechtbank legde de destijds 30-jarige Kootwijkerbroeker een veel lagere straf op: veertien weken celstraf, waarvan twaalf voorwaardelijk, een werkstraf van 240 uur en een boete van 6.000 euro wegens stroperij.

De tweede Kootwijkerbroeker tegen wie nu in hoger beroep een celstraf is geëist, werd in mei 2018 veroordeeld tot twee maanden voorwaardelijke celstraf en 120 uur werkstraf. De eis van justitie tegen de toen ook 30-jarige plaatsgenoot van de hoofdverdachte was drie maanden voorwaardelijke celstraf, een werkstraf van 180 uur en 400 euro boete.


HOGER BEROEP De andere zeven mannen kregen in de meeste gevallen eveneens lagere (werk)straffen dan geëist voor stroperij, maar vaak wel hogere geldboetes. Daarnaast achtte de rechtbank het dragen, gebruiken en verhandelen van jachtwapens en munitie niet bewezen.


Het Openbaar Ministerie is het niet eens met dit vonnis en vindt met name de opgelegde straffen te laag. Daarom is het OM in hoger beroep gegaan, aldus een woordvoerder van het ressortsparket.


WILDBARBECUE In een persbericht over de zitting van vrijdag voor het gerechtshof van Amsterdam verwijst het OM naar eind 2014, toen het strafrechtelijk onderzoek naar de hoofdverdachte uit Kootwijkerbroek werd geopend. Dat gebeurde na een anonieme brief waarin de man werd beschuldigd van stropen. Het gestroopte vlees zou hij inbrengen in een jaarlijkse wildbarbecue.
,,De meedogenloosheid van het stropen kwam in het onderzoek duidelijk naar voren in de vele tapgesprekken en WhatsApp-berichten tussen de hoofdverdachte en de medeverdachten. Verdachten blijken op zeer denigrerende wijze over de dieren te spreken’’, aldus justitie.


MINACHTING In het verleden was de hoofdverdachte volgens het OM in het bezit van een jachtakte. ,,Met het behalen van de jachtakte wordt juist de liefde voor de flora en fauna bijgebracht. Jagen helpt de natuur in stand te houden en van een jager wordt dan ook verwacht dat hij met respect voor het dier jaagt en zeker niet op de manier waarop verdachte bezig was”, zei de advocaat-generaal volgens het OM in zijn betoog.
,,In slechts vier maanden tijd doodt hij minstens zestig ganzen en andere vogels, reeën, wilde zwijnen en een big. Ook dieren als katten, een hond en een roofvogel werden gedood. Daarbij werd het dierenwelzijn niet in acht genomen. Uit het hele dossier blijkt grote minachting voor de natuur’’, stelt het OM.


ILLEGAAL AFSCHIETEN Onder de medeverdachten zitten volgens justitie jachtaktehouders en voormalig jachtaktehouders. ,,Ook deze mannen weten dus precies wat wel en wat niet mag bij het doden van al dan niet beschermde diersoorten. Ze hebben er echter voor gekozen zich niet aan de regels te houden. Ze hebben met de hoofdverdachte meegewerkt aan het illegaal afschieten van dieren en het verzamelen van vlees en zijn op onverantwoorde wijze met wapens en munitie omgegaan.''


WAPENHANDEL Het gedrag van de hoofdverdachte uit Kootwijkerbroek stopte volgens het OM niet bij het doodschieten van beschermde dieren. ,,Hij hield zich ook bezig met het verder verwerken van door anderen illegaal geschoten wild. Hij ontweide dieren en regelde een slager. Ook organiseerde hij jachtpartijen voor jachtaktehouders en schoot dan zelf mee. Om deze strooppartijen te kunnen uitvoeren, heeft hij op uitgebreide schaal handel gedreven met wapens en zelf illegaal wapens voorhanden gehad.’’


CRIMINELE ORGANISATIE De Kootwijkerbroeker is de spil in ,,deze criminele organisatie’’, zoals het OM de groep verdachten omschrijft. ,,Ook is hij al meerdere malen in aanraking geweest met politie en/of justitie. Een forse straf is wat de advocaat-generaal betreft dan ook op zijn plaats. Tegen de overige verdachten heeft de advocaat-generaal voornamelijk werkstraffen geëist tot 200 uur. Tegen één van hen, ook een inwoner van Kootwijkerbroek, eiste de advocaat-generaal naast 120 uur taakstraf een gevangenisstraf van drie maanden.’’


VRIENDEN EN BEKENDEN De rechtbank liet in het vonnis van mei 2018 nadrukkelijk meewegen dat ,,de jachtwapens werden gebruikt binnen een kring van vrienden en bekenden’’.
De rechtbank zag het risico van ongecontroleerd wapenbezit, maar wees erop dat ,,het algemeen bekend is dat gewapende misdrijven meestal niet met jachtwapens worden gepleegd’’. Ook bleek volgens de rechtbank uit het dossier dat de verdachten niet dit soort criminele bedoelingen hadden.


Het gerechtshof Amsterdam doet vermoedelijk in de loop van januari uitspraak in deze zaak.