Afbeelding
Theo Beumer

Wilke Dekker in de serie Krasse Knarren: ‘Vertrouwen winnen kan alleen maar als je dicht bij de mensen staat’

30 januari 2026 om 08:49 Mensen Krasse Knarren Nieuws uit Ede Tips van de redactie

EDE Ze waren bekenden in Ede en omgeving, maar staan inmiddels veel minder in de schijnwerpers dan jaren geleden. In de serie Krasse Knarren interviewen we bekende Edenaren die uit het nieuws zijn verdwenen, maar zeker hun sporen hebben nagelaten. Deze keer: Wilke Dekker.

door Jan de Boer

Wilke Dekker (1954), voormalig wethouder in de gemeente Ede en voormalig burgemeester van Renswoude, is geboren en getogen in Lunteren. In het dorp woont hij vrijwel zijn hele leven, op een ‘papieren’ periode in Renswoude na. Toen hij daar burgemeester werd, moest hij verplicht verhuizen, al woonde hij op korte afstand van de dorpsgrens. Waar wethouders tegenwoordig niet meer in de gemeente hoeven te wonen waar zij werken, geldt die verplichting nog wel voor burgemeesters.

BELANGSTELLING VOOR POLITIEK

Na de basisschool in zijn geboortedorp volgde Dekker de mulo in Lunteren. Daarna ging hij aan de slag bij het Ministerie van Landbouw en Visserij. „Daar heb ik zoveel verschillende opleidingen gehad.” Door zijn relatie met Heleen, zijn latere echtgenote, groeide zijn belangstelling voor de politiek en specifiek voor het Christen-Democratisch Appèl (CDA). Haar vader, Gerard van Leijenhorst uit Garderen, was voor die partij lid van de Tweede Kamer en later staatssecretaris van Onderwijs en Wetenschappen.

Nog vóór de oprichting van het CDA was Dekker actief binnen het CDJA, de jongerenorganisatie. Zelf was hij lid van de Christelijk-Historische Unie. „Als jongeren waren wij er een groot voorstander van dat het CDA moest komen. Toen ik zelf in de Edese gemeenteraad kwam bestond het CDA al. Daar hield ik mij hoofdzakelijk bezig met de ruimtelijke ordening. In die tijd werd je begeleid door oudere, meer ervaren raadsleden als Rinse Wielinga. Op die manier werd je voorbereid om later eventueel wethouder te kunnen worden.”

In de Tweede Kamer waren ze kwaad op mij, omdat ik besloot in Ede te blijven

DRIE CDA-WETHOUDERS IN EDE

Dat speelde in een periode waarin het CDA in Ede drie wethouders leverde. Inmiddels is dat anders en heeft de partij in het college van burgemeester en wethouders nog één wethouder. Tijdens Dekkers periode als raadslid was het aanvankelijk niet de bedoeling dat hij wethouder zou worden. Den Haag lonkte. „Ik werd klaargemaakt voor de Tweede Kamer voor het CDA. Daar waren ze kwaad op mij, omdat ik besloot in Ede te blijven. Dat kwam doordat Gijp van Soest door de dood van zijn vrouw stopte als wethouder. En mij werd gevraagd om zijn positie over te nemen.”

(de tekst gaat onder de foto verder)


Theo Beumer

TWEE KEER GEVRAAGD VOOR KAMERZETEL

Dekker werd twee keer gevraagd voor een Kamerzetel. „Het is jammer dat ik niet in de Tweede Kamer heb gezeten. Ik heb nooit gekozen voor mezelf, nooit. Waar ik het meest voor nodig was, daar heb ik voor gekozen. Je kunt zeggen dat ik wel iets heb laten liggen, maar ik heb een ontzettende goede tijd gehad als wethouder in de gemeente Ede. Mijn schoonvader was teleurgesteld dat ik in Ede bleef.”

Ook de ervaringen van zijn vrouw speelden mee. Zij maakte als kind mee wat het betekende als een vader actief was in de landelijke politiek. Haar vader werd op maandagochtend opgehaald door zijn chauffeur en was de hele week in Den Haag, met ook in het weekend verplichtingen. Dat wilde zij haar kinderen niet aandoen.

TWAALF JAAR WETHOUDER

Dekker was twaalf jaar wethouder. „Het mooist vond ik het contact met de mensen. Vroeger waren we toegankelijker voor de burger. Elke maandagmorgen was er een spreekuur. Er stonden dan rijen met mensen. Door het spreekuur hadden we veel dingen al opgelost voordat het bij de ambtenaren kwam. Jammer dat het spreekuur er niet meer is.” Hij stond bekend om zijn directe aanpak. „Iemand hield jarenlang de opening van een weg tegen. Door die persoon tijdens een gesprek tien kuub hout te geven lukte dat wel.” (*)

Vroeger waren we toegankelijker voor de burger. Elke maandagmorgen was er een spreekuur

Ook herinnert hij zich een agrariër die hem pas ’s avonds om tien uur wilde ontvangen. „‘Overdag had hij nooit tijd’, vertelde hij mij. Ik belde om tien uur bij hem aan. Hij keek met de pyjamabroek aan door het raam wie er aanbelde. Hij schaamde zich. In een half uur waren we er uit.” 

Dekker zegt open te zijn geweest naar burgers. „Ze hadden vertrouwen in mij, omdat ik ze eerlijk behandelde. Ik houd van korte lijnen, geen flauwe kul. Als het moest ging ik in oude kleren met laarzen aan naar de mensen toe.”

BURGEMEESTER VAN RENSWOUDE

Na zijn vertrek als wethouder in Ede had Dekker niet direct ander werk. Na een half jaar benaderde toenmalig commissaris van de Koning en oud-burgemeester van Ede Roel Robbertsen hem met de vraag of hij per 1 juni 2011 waarnemend burgemeester van Renswoude wilde worden. „Een half jaar later vroeg Robbertsen of ik burgemeester van Renswoude wilde worden. Toen heb ik gesolliciteerd op de normale manier en ben ik het geworden.”

GETROFFEN DOOR EEN HERSENBLOEDING

Eind februari 2014 werd Dekker getroffen door een hersenbloeding. „Ik kon niet meer functioneren als burgemeester. Ik kijk terug op een hele mooie politieke carrière, het was fantastisch. Iedere dag heb ik het met plezier gedaan.”

Ik wilde geen voorlichter hebben. De andere wethouders vonden het vreemd. Ik deed het liever zelf

Dekker werkte bewust zonder woordvoerder. „Ik wilde geen voorlichter hebben. De andere wethouders vonden het vreemd. Ik deed het liever zelf. Of het nog steeds zo kan in deze tijd, weet ik niet.” Iedere maandag ging hij na het spreekuur langs bij de lokale pers. „Ik sprak met hen overal over. Als ik vroeg om voorlopig iets niet in de krant te zetten, maar bijvoorbeeld de volgende week, deden ze dat. Die afspraak kon je maken. Ik wilde geen geheimen hebben voor de kranten. Het is nu heel anders. Op de manier van nu zou ik niet meer kunnen werken.”

BIJZONDER

Ook het burgemeesterschap noemt hij bijzonder. „Het was daar praten, praten, praten om iets voor elkaar te krijgen. De lijnen naar de burgers waren kort. Dat kan daar omdat het geen grote gemeente is. Ik ging naar de mensen toe en dan vertelden ze me aan huis wat er aan de hand was. Vertrouwen winnen kan alleen maar als je dicht bij de mensen staat.”

(de tekst gaat onder de foto verder)


Theo Beumer

Als één van de prestaties uit zijn loopbaan noemt Dekker de tuibrug over de A12, een initiatief van de provincie Gelderland. Hij vreesde dat er een standaardbrug zou komen en wist op een laat moment te bereiken dat professor Krijgsman uit Bennekom, samen met studenten, een ander ontwerp maakte. Ook de naam kwam van zijn hand: De Poortwachter. „Ook de rondweg om Lunteren, het centrum van Lunteren en de A30 zie ik als een succes. Ook de ontwikkelingen in het buitengebied.”Vertrouwen winnen kan alleen maar als je dicht bij de mensen staat

‘MACHT PROJECTONTWIKKELAARS IS GROOT GEWORDEN’

Dekker ziet dat gemeenten tegenwoordig minder grip hebben op grondverwerving. „Toen waren er bijna geen projectontwikkelaars. Als gemeente kochten we zelf de gronden. Het is nu heel anders. Als gemeente hebben we geen grondbedrijf meer. Alles gaat nu extern. De macht van de projectontwikkelaars is groot geworden. In mijn tijd zaten wij als gemeente er bovenop.”

ERNSTIGE ZIEKTE

Door de hersenbloeding moest hij op zestigjarige leeftijd stoppen met werken. „Dat was heel jammer. Ik had graag nog een aantal jaren doorgegaan. Vanwege m’n gezondheid moest ik wel ophouden. Het was een ernstige ziekte. Twee keer lag ik op de intensive care. Ik heb de dood voor ogen gehad. Toch ben ik er doorgekomen. Het is een wonder dat je nog leeft, zei de dokter.”Ik heb de dood voor ogen gehad

Dekker volgt de politiek nog steeds. Hij is minder mobiel, maar voelt zich niet vergeten. „Iedere dag komen ze naar mij toe. Veel praten. Velen komen op bezoek om adviezen te krijgen. De mensen komen ook uit Renswoude naar me toe.”

Over de groei van Ede is hij realistisch. „Daar kun je niets tegen doen. Dat gaat door. Ede is centraal gelegen, je kunt er prima wonen.” 

‘LUNTEREN IS GEMOEDELIJKER’

Zelf had hij nooit de behoefte om Lunteren te verlaten. „De ligging van Lunteren met de bossen is mooi. Je hebt er nog een menselijke maat. Ede heeft dat minder, dat is groot geworden. Lunteren is gemoedelijker, dorpser. Ik hoop nog jaren met m’n vrouw Heleen in Lunteren te kunnen genieten.”

* Naar aanleiding van dit interview laat de familie van de betrokken grondeigenaar weten dat er destijds contractuele afspraken golden over de ligging en openstelling van de weg. Volgens hen was geen sprake van het tegenhouden van de opening.

Meer verhalen over ‘Krasse Knarren’ lezen? Je vindt hier alle reeds gepubliceerde artikelen in de serie ‘Krasse Knarren’.