
Kees Heitink vertelt over de historie van begraven in Bennekom: ‘Met pen en papier ging ik langs de grafstenen’
20 april 2026 om 11:55 HistorieBENNEKOM De werkgroep Behoud Begraafplaats van de Historische Vereniging Oud Bennekom zet zich al sinds 1991 in voor het behoud van oude graven op de gemeentelijke begraafplaats aan de Kerkhoflaan. Naast restauratie doet de werkgroep ook onderzoek en educatie. Om de verhalen achter de graven levend te houden, verzorgt de HVOB lezingen. Woensdag vertelde Kees Heitink erover in een volle ontvangstruimte van uitvaartcentrum Monuta Hofrust in Bennekom.
door Dick Martens
De ontvangst door Bettine van der Laan, Diederick Tuin en Rinske Blok, de uitvaartverzorgers van Monuta Hofrust, was hartelijk. De bezoekers werden vervolgens na de welkomstwoorden verrast met een kop koffie of thee en de zeer in de smaak vallende stroopwafels en stroopkoeken. ,,Ik wist niet precies of de animo groot zou zijn”, vroeg Bettine zich af, terwijl spreker Kees Heitink zijn tekst nog even doornam en de techniek testte. Maar al snel werd duidelijk dat Bennekom wel degelijk warm liep voor de presentatie en benieuwd was naar de historie van het begraven in Bennekom. In allerijl moesten er stoelen worden bijgezet. Dat leidde ook bij Heitink tot een tevreden blik.
MET PEN EN PAPIER
,,Waarom treft u mij hier?”, opende Heitink met een vraag aan zijn gehoor. Vervolgens maakte hij de reden duidelijk, onder meer door te vertellen dat hij in 1991 een allereerste groep binnen de HVOB had helpen oprichten die als doel had het oudste deel van de Bennekomse begraafplaats, die er al sinds 1829 is, in beeld te houden, in kaart te brengen en ervoor te zorgen dat dat deel niet geruimd zou worden. ,,Met pen en papier ging ik toen langs die grafstenen om op te tekenen wat erop stond, zodat we een begin hadden.”
Over het initiatief bestond bij de gemeente Ede aanvankelijk nog enig wantrouwen. ,,Graven bewaren, dus niet ruimen, betekende een gebrek aan inkomsten. Rond ‘de Engel van Bennekom’, die op de grafkelder van de familie Prins staat, stonden ongeveer 55 zogenaamde grafbedekkingen en die staan er nu nog steeds.”
Heitink legde vervolgens uit dat ‘onze hoek’, het oude gedeelte van de begraafplaats, in zijn geheel op de monumentenlijst kwam te staan. ,,Dus wij restaureerden eigenlijk monumenten die eigendom waren van de gemeente Ede. Wij brachten die op een aanvaardbaar niveau. Tegenwoordig zijn we actief op de hele begraafplaats, bovendien geven we adviezen en rondleidingen en is er een wandelroute gekomen.”
BIJZONDERE ANEKDOTES
Na deze introductie las Heitink een citaat voor van Wout Hol, die ook bij de lezing aanwezig was: ,,De begrafenissen die ik mij van vroeger herinner, waren in feite een soort kerkelijke begrafenis, geregeld door de kosters.” Daarna begon de commercialisering toe te nemen: de opkomst van begrafenisondernemingen en veranderingen in gewoontes, ook in Bennekom. Dat visualiseerde Heitink onder meer door het tonen van fraaie afbeeldingen, rekeningen, advertenties van begrafenisondernemingen en heel veel bijzondere anekdotes. Maar voordat hij daarmee begon, wekte hij bij de bezoekers de nodige nieuwsgierigheid op met ,,een spoiler”. ,,Als u ‘onder de Engel’ wilt kijken, dan moet u tot het laatst blijven”, wierp hij met een geheimzinnige glimlach op. Uit de reacties bleek onmiddellijk dat niemand van plan was eerder weg te gaan. Een prima keuze, want de spreker bleek op dreef te zijn.
(De tekst gaat verder onder de foto.)
![]()
Kees Heitink van Historische Vereniging Oud-Bennekom houdt een lezing over ‘Begraven in Bennekom’ - Dick Martens
Wat volgde, was een geschiedenisles die zijn weerga niet kende. Minutieus passeerde de begrafenisgeschiedenis de revue, met zowel landelijke als typisch Bennekomse voorbeelden en fraaie zwart-witfoto’s. Van het ontstaan van de begravingen tot het kostenplaatje. Van namen als Hendrik ‘Hent’ Ansink, die zichzelf ‘aanspreker’ noemde, de titel die hij zich als begrafenisondernemer had toebedeeld. ,,In die tijd, aan het begin van de 20e eeuw, was Ansink ook nachtwachter en lantaarnopsteker. Maar hij regelde dus alles rondom een begrafenis.” Een rekening uit 1917 had Heitink ook nog weten te achterhalen. Het was de rekening van de begrafenis van Neeltje van Slooten, een kindje dat maar 3 jaar was geworden. De rekening bedroeg 72 gulden en 95 cent en bevatte posten als: 6 dragers à 3 gulden per persoon, fooi timmerman 1 gulden, fooi voor de koetsier 3 gulden en een lijkkistje van H.J. Alberts (de timmerman): 8 gulden.
WETENSWAARDIGHEDEN PASSEREN DE REVUE
Zo passeerden tal van wetenswaardigheden de revue en uiteindelijk ook ,,de spoiler”, over de in 1920 op de begraafplaats geplaatste engel. ,,Wij wilden kijken wat daaronder zat. Dat wist niemand, ook de gemeente niet. Hoeveel mensen daaronder begraven waren. Na enig gedoe mochten wij er uiteindelijk toch onder gaan kijken. Er was geen trap, er was geen deurtje. Het enige wat er was, was grint. Daaronder ligt een soort van koekblik in de grond, een keldergewelf met twee korte kanten. Door een kuil te graven bij de korte kant kwam je bij de ingang, en daar werd de kist naar binnengeschoven. Vervolgens werd die weer dichtgemetseld en werd het grint er weer overheen gelegd.”
Indrukwekkend waren de foto’s die Heitink van de ondergrondse grafkelder had gemaakt, nadat hij er samen met Jan de Nooij en Rien Heij in was geweest. Het leidde tot verbazing, verwondering en langgerekte oh’s en ah’s. En vervolgens, aan het einde van de indrukwekkende voordracht, volgden een hartelijk applaus voor Heitink, mooie woorden van Bettine van der Laan en een gewaardeerd klein presentje. De conclusie was dat Heitinks lezing meer dan de moeite waard was geweest.

