Ambacht en emotie terug met progrock

9 juli 2008 om 00:00 Nieuws

Wie denkt dat de groep Genesis met de bekende zanger Phil Collins niets anders deed dan liedjes maken als ‘I can’t dance’ of ‘You can’t hurry love’, heeft het mis. De Britse band begon ruim 38 jaar geleden met Peter Gabriel aan een creatieve muzieksoort die nu eens niet gericht was op het scoren van hits die twee á drie minuten duren. Ook met behulp van excentrieke kostuums en visuele (licht)effecten werden complete verhalen op het podium gebracht. De ambachtelijk sterk ontwikkelde muzikanten lieten zich niet beperken tot een eenvoudige aanpak en maakten stukken waarbij variatie troef is.

Dit leidde tot albums die heden ten dage nog steeds verkocht worden. Andere namen die in die tijd met het zelfde genre aan de haal gingen, waren bijvoorbeeld Camel, King Crimson, ELP en later Marillion. ,,Mensen die een brede muzikale smaak hebben, waarderen het nogal eens. De afwisseling in stijlen en sferen spreekt aan. Het verveelt niet. Grappig is dat veel personen die zeggen dat ze het niks vinden, het toch waarderen als ze vaker luisteren’’, licht Collin Leijenaar toe.

In de jaren negentig werd een voorzichtige ‘revival’ van de stijl zichtbaar met nieuwe namen als Dream Theater (de progmetal), Porcupine Tree, The Flower Kings en Spock’s Beard. Juist die laatste naam zou van grote betekenis worden voor de de toekomst van Collin Leijenaar. Want nadat Neal Morse, de voorman en leider van die Amerikaanse groep uit de band stapte, kwam de Edenaar met hem in contact.

Collin zag zijn grote muzikale held aan het begin van dit millennium voor het eerst op podia musiceren tijdens Morse’s ‘Testimony’-tour en was helemaal verkocht. Want de artiest bracht immers ook de (nu al) legendarische drummer Mike Portnoy mee om de afwisselende en ingewikkelde partijen te spelen die hij ook had gespeeld voor de studio-cd’s. Watertandend stond Leijenaar met zijn neus vooraan om de drummer van Dream Theater, die hij zeer bewondert, over de tomtoms en bekkens te zien roffelen.

,,Ik weet nog dat ik toen dacht: wat moet het geweldig zijn om in deze band te spelen en achter die drumkit te zitten. Dat was mijn droom en die is nu werkelijkheid geworden’’, zegt Collin, die zelf soms nog nauwelijks kan bevatten hoe de dingen zijn gelopen. Want na een interview dat hij deed met Morse voor het progblad iOPages, ontwikkelde dat contact zich tot een hechte vriendschap, ook vanwege de zelfde christelijke levensovertuiging. En nu speelt de Edenaar in de live-band van de Amerikaan, samen met zijn vrouw en zangeres Jessica Koomen.

Leijenaar zit in het zonnetje voor zijn eigen popschool in Ede, een bedrijf dat goed loopt en waar vele muziekleerlingen hun weg naar toe vinden. ,,Ik geef zelf steeds minder drumlessen, omdat ik daar geen tijd meer voor heb. Nu doen andere docenten dat. Zo is er een leraar die ik ooit zelf drumles gaf en daarna het conservatorium ging doen. Nu hij afgestudeerd is, geeft hij in onze popschool les. Dat zijn leuke dingen.’’

Hij draait er niet omheen, want alles moet nu wijken voor het ‘werken’ met Neal Morse, al is het vooral een passie: ,,Mijn proghart blijft kloppen.’’ Zo bereidt de drummer zich voor om dit jaar weer concerten te geven, samen met Neal Morse in Nederland en Duitsland.

Voor de DVD was de Edenaar een week in Nashville om bij de mix te zijn, waarmee het geluid van veertig kanalen teruggebracht werd naar twee. ,,Thuis heb ik toen de ‘mastering’ gedaan, om alles nog beter te laten klinken. Ja, Neal vertrouwde mij dat wel toe, al vond hij het wel een tikje eng. Ik had voor de preview op Youtube al een mix gemaakt en dat vond hij al redelijk goed klinken...’’

Collin stopte, naast de gewone DVD, tevens vele uren tijd in het produceren van de bonus-dvd met onder meer scenes achter de schermen en een concert van de eerdere Question Mark-tour. Daar is ook de Edenaar Elisa Krijgsman te zien, destijds gitarist in de band van Neal Morse. ,,Het was een heel bijzonder moment toen ik deze nieuwe DVD naast ‘Testimony’, de eerste van Morse, in mijn kast kon schuiven, daar zal ik niet omheen draaien.’’

Intussen druppelen de eerste reactie en recensies binnen. Die zijn uitbundig en lovend! ,,Iemand schreef: Neal Morse is God!’’, zegt Collin lachend en relativerend, omdat hij weet dat de schrijver doelde op de grote muzikale talenten van de Amerikaan.

Refererend aan de christelijke teksten, beaamt Collin dat dit in zijn ogen een meerwaarde aan de muziek kan geven. ,,Ik vind van wel. Het gaat dieper. Je beleeft het. Je voelt waar een liedje over gaat en dat raakt je. Dan speel je veel intenser, ook als drummer. Als dat niet gebeurt, wordt de muziek kil. Drumpartijen zijn een wezenlijk onderdeel van de compositie en bepalen mede sfeer.’’

Hij vindt dat muziek de kracht heeft om een gemoedstoestand te veranderen. ,,Een chagerijnig gevoel kan door een song verdwijnen, maar kan het ook versterken. Dat vind ik heel bijzonder. In deze harde maatschappij mogen vooral mannen geen emoties laten zien, maar muziek kan daar dwars doorheen breken. Het mooie bij Neal is dat je dit dus ziet gebeuren. Overal hoor je mensen zeggen dat ze het bij hem niet droog kunnen houden.’’

Freek Wolff EDE - Grondleggers van de symfonische progressieve rock, zoals Genesis, Pink Floyd en Yes, deinsden er in de jaren zeventig niet voor terug om ‘symfonieën’ een modern jasje te geven, die met gemak een kwartier lang duren. De Edese drummer Collin Leijenaar voelt zich daarbij als een vis in het water. Hij is in actie te zien op ‘Sola Scriptura & Beyond’, de Neal Morse-DVD die nu wereldwijd in de winkels ligt.
Mail de redactie
Meld een correctie

Deel dit artikel via:
advertentie
advertentie
advertentie