‘Je moet inkrimpen om te overleven’
2 mei 2012 om 00:00 NieuwsHij is een optimist, maar het uitbreidingsplan - dat zeven jaar geleden nog volop leefde - moest Van Veldhuizen in 2008 snel de koelkast zetten. Van Dijk is gevestigd op bedrijventerrein De Stroet, net als de andere tak van de Gasal-holding: het carrosseriebedrijf Van Dijk onder leiding van André Pater.
door Freek Wolff
Daarmee was de familie Van Dijk ooit begonnen aan de Postweg binnen de bebouwde kom in het hart van Lunteren. Nu vallen ook de bedrijven Autoschade Lunteren en de Metamo spuiterij in Ede onder de holdingparaplu.
Ramen, deuren, kozijnen en vliesgevels, overal passen de aluminium profielen om die Van Dijk maakt. Van Veldhuizen, voorheen agrariër, staat nu zeven jaar aan het roer en begon met 55 man die actief waren bij de afdelingen administratie, calculatie, de tekenkamer, machines, productie en projectleiding.
De verkoopprijzen voor de aluminiumproducten moesten de afgelopen jaren enorm zakken.
,,Aannemers nemen nu vaak projecten aan voor de kostprijs. Dan gaan ze kijken of ze dat werk uit kunnen besteden aan onderaannemers voor nog lagere prijzen. Maar daar kunnen wij niet aan meedoen. En er wordt gewoon minder gebouwd. Je moet je organisatie inkrimpen om te overleven. Dat is bijna de enige manier voor een bouwgerelateerde onderneming.’’
Van Veldhuizen wijst op de rol van consumenten. ,,Ze zijn voorzichtig geworden. Daar hebben we allemaal last van. Alles hangt aan elkaar vast. Banken spelen ook een rol. En het onzekere politieke klimaat in Nederland natuurlijk. Ondernemers durven geen stappen te zetten als er onzekerheid bestaat.’’
Daarom is de ondernemer blij dat er nu toch een akkoord is in Den Haag, onafhankelijk van zijn eigen politieke voorkeur. ,,Dat geeft tenminste duidelijkheid. Stabiliteit, daar kun je op bouwen. Wat een gepruts was dat de afgelopen zeven weken in de politiek. Tegenwoordig stemmen mensen graag op personen die populaire opmerkingen maken, maar je moet knopen door kunnen hakken.’’
Van Veldhuizen moest zich aan de wet houden en volgens de formule van het afspiegelingsbeginsel werknemers ontslaan. Dat wil zeggen in diverse leeftijdscategorieën en in verschillende afdelingen. ,,Ik vond het heel bijzonder dat - op één na - iedereen hier achter kon staan. Ons team leeft mee en daarom is het des te pijnlijker als je maatregelen moet nemen.’’
Twee werknemers begonnen voor zichzelf en drie man solliciteerde reeds elders, ,,met een goede kans van slagen’’. De ontslagformule heeft tot gevolg dat de werkgever ook afscheid moest nemen van kwalitatief sterk personeel, dat hij eigenlijk liever had behouden. ,,Maar die zijn vermoedelijk snel weer bij een ander aan het werk.’’
Van Veldhuizen wijst erop dat de arbeid in Nederlandse productiebedrijven te duur wordt.
,,Daarom ga je automatiseren om in het productieproces de kosten te drukken. En de wereld is klein geworden. We besteden werk weleens uit aan Polen, maar liever houd ik het in eigen huis. Dat houd ik mijn personeel ook voor ogen. We hebben wel grond en een hal gekocht in Roemenië, maar om hierover echt te beslissen, denk je vandaag de dag wat langer na. De lonen kunnen daar laag zijn, maar je moet er ook kennis naar toe brengen en je zit met kostbaar transport. En ik heb ook een sociale verantwoordelijkheid in Nederland...’’












