
Natuurcolumnist Michael de Vries over KBV’tjes: ‘Vogelaar zijn is erg leuk, maar denk nooit dat het makkelijk is’
29 mei 2024 om 09:00 Opinie[EDE} In mijn vorige column schreef ik al over de vele vogelsoorten die er in ons land leven. Ik vroeg toen hoeveel vogels u op zou kunnen noemen en dat voor velen de twintig soorten al moeilijk zou zijn. Oké, ook ik zou niet zomaar alle ruim driehonderd soorten kunnen noemen, laat staan ze allemaal herkennen.
Hoewel ik nu al zo’n vijfentwintig jaar vogelaar ben, heb ook ik nog steeds moeite met sommige soorten. Zo haal ik de glanskop en de matkop, beide van de mezenfamilie, steevast door elkaar. Ook heb ik met de verschillende soorten piepers en leeuweriken de grootste moeite. Maar het toppunt zijn wel al die kleine bruingele vogeltjes die je momenteel overal kunt tegenkomen. Zo hebben we niet alleen de op elkaar lijkende tjiftjaf en fitis, maar ook de redelijk gelijkende tuinfluiter en fluiter. Als je goed kijkt, is de fluiter weer wat geler, maar ja de spotvogel heeft dat ook weer. En heb je dan eindelijk de zekerheid dat je een spotvogel ziet, dan kan het zomaar weer de orpheusspotvogel zijn. Soms kom ik ze tijdens een fietstocht weleens allemaal tegen, en moet ik me echt concentreren om ze allemaal uit elkaar te houden.
Om even af te wisselen, speur ik vaak even de rietkragen af. Rietgorzen en blauwborsten laten zich soms prachtig zien én zijn makkelijk herkenbaar. Totdat het volgende probleem zich aandient: ook in het riet lijken de soorten weer veel op elkaar. Het duurde jaren voordat ik met zekerheid de kleine karekiet kon herkennen, maar in dezelfde rietkragen zie je regelmatig ook vaak de bosrietzanger. Deze vogel lijkt sprekend op de kleine karekiet, maar zingt totaal anders. Aan de andere kant, maakt deze vogel het weer lastig door juist andere soorten te imiteren. De spotvogel, waar ik zojuist ook over schreef doet dat overigens ook.
Tussen de kleine karekieten en de imiterende bosrietzanger heb je soms ook nog de gewone rietzanger, de sprinkhaanrietzanger of de cetti’s zanger. Tja, het is niet voor niets zo dat deze soorten vaak ‘KBV’tjes’ worden genoemd; kleine bruine vogeltjes. Maar, als je deze vogels en hun zang eenmaal leert herkennen, is het geweldig om ze tegen te komen. Eén van die KBV’tjes is trouwens wel redelijk herkenbaar door de lichte wenkbrauwstreep, dat is de rietzanger.
Vogelaar zijn is erg leuk, maar denk nooit dat het makkelijk is.
door Michael de Vries














